Spring naar inhoud
groei naar zonlicht

Financieel jaarverslag

Groei naar het zonlicht - Mens en boom komen samen. Armen omhoog, op weg naar licht en nieuwe ruimte.

10.1 Inleiding financieel jaarverslag

De verkorte financiële overzichten in dit hoofdstuk zijn ontleend aan de gecontroleerde jaarrekening van Stichting NHL Stenden Hogeschool per 31 december 2025. De jaarrekening is opgesteld conform de richtlijnen van de Regeling Jaarverslaggeving Onderwijs (RJO), de richtlijn 660 van de Raad voor de Jaarverslaggeving en overeenkomstig de verslaggevingsvoorschriften en bepalingen zoals weergegeven in Titel 9 van boek 2 van het Burgerlijk Wetboek.

De verkorte financiële overzichten bevatten niet alle toelichtingen die zijn vereist op basis van de hierboven genoemde richtlijnen en verslaggevingsvoorschriften. Voor een uitgebreide uiteenzetting van de grondslagen en de volledige toelichtingen verwijzen we naar de geconsolideerde jaarrekening 2025 van de Stichting NHL Stenden Hogeschool.

10.2 Kengetallen

Om te monitoren of de financiële positie van onze hogeschool gezond is, gebruiken we enkele financiële kengetallen. De positie eind 2025 van deze kengetallen lichten we hieronder toe.

Liquiditeit

De liquiditeit geeft de mate aan waarin onze hogeschool in staat is op korte termijn aan haar verplichtingen te voldoen.

Liquiditeit 2025 2024
     
Current ratio    
Vlottende activa / kortlopende schulden  1,03   0,92 
     
Quick ratio    
(Vlottende activa - voorraden) / kortlopende schulden 1,03 0,92

De liquiditeitsratio’s zijn toegenomen ten opzichte van de stand per eind 2024. De toename in de liquiditeitsratio’s wordt voornamelijk veroorzaakt door het gerealiseerde resultaat. De liquiditeitratio's ultimo 2025 zijn hoger dan de signaleringswaarde van 0,50 die door de Inspectie van het Onderwijs is gesteld. Naast de aanwezige liquide middelen beschikt NHL Stenden over de mogelijkheid om bij het ministerie van Financiën krediet in rekening-courant op te nemen ten bedrage van € 15,0 miljoen (2024: € 15,0 miljoen). Verder heeft de Stichting NHL Stenden Hogeschool de beschikking over een intraday kredietfaciliteit ter hoogte van € 23,9 miljoen.

Solvabiliteit

De solvabiliteit geeft de mate aan waarin onze hogeschool in staat is op langere termijn aan haar verplichtingen te voldoen.

Solvabiliteit 2025 2024
     
Solvabiliteit    
(Eigen vermogen + voorzieningen) / balanstotaal 0,50 0,48

De solvabiliteitratio is in lichte mate toegenomen ten opzichte van eind 2024. Dit wordt veroorzaakt door de toevoeging van het positieve resultaat aan het eigen vermogen. De solvabiliteitratio's ligt boven de signaleringswaarde van 0,30 die door de Inspectie van het Onderwijs is gesteld.

Signaleringswaarde bovenmatig publiek eigen vermogen

Het publiek eigen vermogen geeft de hoeveelheid eigen vermogen weer die een onderwijsinstelling redelijkerwijs nodig heeft voor een gezonde bedrijfsvoering.

Bovenmatig eigen vermogen (x 1.000) 2025 2024
     
Publiek eigen vermogen  100.813   92.018 
Ratio 0,52 0,49

Het publieke eigen vermogen is licht toegenomen ten opzichte van eind 2024. Deze toename wordt veroorzaakt door de toevoeging van het publieke resultaat gerealiseerd in 2025 (€ 5,6 miljoen). Het publiek eigen vermogen per 31 december 2025 blijft ruim onder de norm van € 186,4 miljoen. 

10.3 Financiële positie

Geconsolideerde balans per 31 december 2025 (x €1.000)

Activa   31 december 2025     31 december 2024
Vaste activa          
Materiële vaste activa          
Bedrijfsgebouwen en terreinen 121.045     122.595  
Inventaris en apparatuur 37.928     42.232  
Egalisatierekening -5.311     -5.141  
    153.662     159.686
Financiële vaste activa          
Andere deelnemingen 187     184  
Overige langlopende vorderingen 96     110  
    283     294
Totaal vaste activa   153.945     159.980
           
Voorraden   118     106
           
Vorderingen          
Debiteuren 3.154     1.835  
Belastingen en premies sociale verzekeringen 127     152  
Overige kortlopende vorderingen en overlopende activa 10.979     12.513  
    14.260     14.500
Liquide middelen   77.435     64.780
Totaal vlottende activa   91.813     79.386
Totaal activa   245.758     239.366
           
Passiva   31 december 2025     31 december 2024
Eigen vermogen   100.813     95.192
           
Voorzieningen          
Personeelsvoorzieningen   21.100     19.644
           
Langlopende schulden          
Schulden aan kredietinstellingen   34.790     38.588
           
Kortlopende schulden          
Kredietinstellingen 3.798     3.797  
Crediteuren 6.049     6.698  
Belastingen en sociale voorzieningen 11.912     10.527  
Schulden terzake van pensioenen 2.956     2.814  
Overige schulden en overlopende passiva 64.340     62.106  
    89.055     85.942
Totaal passiva   245.758     239.366
           

Toelichting ontwikkeling balans 
Het balanstotaal neemt ten opzichte van 2024 toe. Hieronder volgt een puntsgewijze opsomming van de ontwikkelingen die invloed hadden op deze stijging:

  • De materiële vaste activa zijn € 6,0 miljoen in waarde afgenomen als gevolg van de afschrijvingslast van € 14,8 miljoen (inclusief afschrijving desinvestering) en de (des)investeringen van € 8,7 miljoen. De gerealiseerde investeringen zijn € 4,8 miljoen lager in vergelijking met het begrote investeringsbedrag (€ 13,9 miljoen). De gerealiseerde investeringen bestaan voornamelijk uit reguliere vervangingsinvesteringen en duurzaamheidsinvesteringen. 
  • De vorderingen zijn in totaal € 0,2 miljoen afgenomen. Deze afname wordt voornamelijk veroorzaakt door lagere post overlopende projecten. De debiteurenpositie is gedurende 2025 gestegen.
  • De liquide middelen zijn per balansdatum toegenomen met € 12,7 miljoen. Deze toename wordt voornamelijk veroorzaakt door het positieve resultaat en een stijging van de vooruit ontvangen subsidie. Voor een uitgebreide toelichting zie het kasstroomoverzicht zoals deze is opgenomen in de geconsolideerde jaarrekening.
  • Het eigen vermogen is toegenomen als gevolg van de toevoeging van het geconsolideerde resultaat 2025 van € 5,5 miljoen en de toevoeging van het vermogen van Leeuwarden Student City (€ 0,1 miljoen). Het resultaat bestaat uit € 5,6 miljoen positief publiek resultaat en € 0,1 miljoen negatief privaat resultaat.
  • De stijging van de voorzieningen (€ 1,5 miljoen) wordt met name veroorzaakt door een toename van de voorziening werktijdvermindering senioren en de WW voorziening als gevolg van een hoger aantal (potentiële) deelnemers en een toename van de salarissen.
  • De langlopende schulden zijn afgenomen met € 3,8 miljoen. Dit wordt veroorzaakt door de reguliere aflossing op de lopende leningen.
  • De kortlopende schulden zijn toegenomen met € 3,1 miljoen. Deze toename wordt voornamelijk veroorzaakt door een stijging van de vooruit ontvangen subsidies (€ 3,1 miljoen).

10.4 Financieel resultaat

Geconsolideerde staat van baten en lasten 2025 (x €1.000)

  2025   Begroting 2025   2024
Baten          
Rijksbijdragen 208.583   209.430   210.817
Overheidsbijdragen / subsidies overige overheden 14.828   12.723   11.283
(Wettelijke) college-, cursus-, les- en examengelden 59.773   59.361   53.578
Baten werk in opdracht van derden 11.949   11.129   10.884
Overige baten 6.551   5.984   7.400
Totaal baten 301.684   298.627   293.962
           
Lasten          
Personeelslasten 229.051   225.878   222.009
Afschrijvingen 14.349   15.243   14.235
Huisvestingslasten 12.848   12.142   12.812
Overige lasten 41.027   44.220   42.267
Totaal lasten 297.275   297.483   291.323
           
Saldo baten en lasten 4.410   1.144   2.639
Financiële baten en lasten 1.079   856   1.600
           
Resultaat uit gewone bedrijfsuitoefening voor belastingen 5.488    2.000    4.239
Belastingen -28    -    12
Resultaat uit deelnemingen 3    -    0
           
Resultaat na belastingen 5.463    2.000    4.251

Toelichting ontwikkeling financieel resultaat

Het resultaat over 2025 bedraagt € 5,5 miljoen positief en is daarmee € 3,5 miljoen hoger dan begroot. Dit resultaat bestaat conform de jaarrekening voor € 5,6 miljoen positief uit resultaat publieke gelden en voor € 0,1 miljoen negatief uit resultaat private gelden. In onderstaande toelichting worden de in 2025 gerealiseerde cijfers afgezet tegen de begroting. Een toelichting van de gerealiseerde cijfers 2025 ten opzichte van de gerealiseerde cijfers 2024 is opgenomen in de jaarrekening.

Toelichting baten

  • In de jaarbegroting 2025 is uitgegaan van een bedrag aan rijksbijdragen van € 209,4 miljoen. De realisatie is uitgekomen op € 208,6 miljoen en is daarmee € 0,8 miljoen lager dan begroot. Deze daling ten opzichte van de begroting wordt veroorzaakt door het doorschuiven van de krimpgelden. In de begroting was verwacht dat er voor 2,8 miljoen aan krimpgelden zouden worden benut. Uiteindelijk is er € 2,0 miljoen benut gedurende 2025. Gedurende 2023 t/m 2025 is er totaal voor €8,7 miljoen aan financiële middelen voor vitale opleidingen in krimpregio’s (hierna krimpgelden) ontvangen. Hiervan is € 2,8 miljoen besteed t/m heden. De krimpgelden zijn als ‘niet-normatief’ bestempeld. Het niet bestede deel van de krimpgelden zijn op de balans opgenomen en dienen gedurende de boekjaren 2026 en 2027 te worden besteed.
  • De gerealiseerde subsidiebaten 2025 zijn € 2,1 miljoen hoger dan begroot. Deze toename wordt onder andere veroorzaakt door het realiseren van extra subsidiebaten over de verschillende academies en diensten. Deze toename ligt in lijn met de visie om meer 2e geldstroom projecten uit te voeren komende jaren.
  • De baten uit college-, cursus- en examengelden liggen in lijn met begroting.
  • De baten werk in opdracht van derden zijn € 0,8 miljoen hoger dan begroot. Dit wordt met name veroorzaakt door hogere cursusgelden bij voornamelijk de academie educatie.
  • De overige baten zijn € 0,6 miljoen hoger dan begroot. Dit wordt veroorzaakt door incidentele overige baten (o.a BTW-prorata herrekening).

Toelichting lasten

  • De personeelslasten zijn € 3,2 miljoen hoger dan begroot. Deze stijging wordt veroorzaakt door de extra (eenmalige) uitkering in december 2025 (conform de nieuwe CAO). Daarnaast heeft er een hogere dotatie aan de voorziening werktijdvermindering senioren plaatsgevonden als gevolg van een toename van het aantal (potentiële) deelnemers. Tevens heeft er een hogere dotatie als begroot plaatsgevonden aan de WW voorziening (eigen risicodrager), deze hogere dotatie is het gevolg van een hogere instroom als gevolg van de krimp.
  • De gerealiseerde afschrijvingslasten van € 14,4 miljoen zijn lager dan de begrote afschrijvingslasten. Dit wordt veroorzaakt door het realiseren van minder investeringen dan begroot.
  • De huisvestingslasten zijn € 0,7 miljoen hoger dan begroot. Deze overschrijding ten opzichte van de begroting is veroorzaakt doordat er sprake is geweest van hogere huurlasten en hogere onderhoudsuitgaven.
  • De overige lasten zijn €3,2 miljoen lager dan de begrote overige lasten. In de begroting 2025 zijn middelen gereserveerd die in beperkte mate zijn gerealiseerd.
  • De financiële baten en lasten zijn € 0,2 miljoen hoger dan begroot. Deze toename wordt veroorzaakt doordat het banksaldo bij het ministerie waarover rente wordt ontvangen hoger is uitgevallen als in de begroting was verwacht. De gerealiseerde rentelasten voor langlopende leningen zijn in de lijn met de begroting.

10.5 Treasury

De hogeschool conformeert zich aan de Regeling beleggen, lenen en derivaten OCW 2016. In 2023 heeft NHL Stenden haar treasurystatuut bijgewerkt op basis van de laatste wet- en regelgeving en inzichten. Het bijgewerkte treasurystatuut is door de Raad van Toezicht goedgekeurd. In 2025 is er conform het goedgekeurde beleid gehandeld: NHL Stenden heeft een strategie van niet speculeren, waarbij wordt uitgegaan van schatkistbankieren en het beleggen en belenen van middelen hoofdzakelijk bij het ministerie van Financiën. Ook voor het valutabeleid kiest de hogeschool voor prudent en eenvoudig beleid (geen complexe instrumenten), gericht op minimalisatie van de (koers)risico’s. De hogeschool had geen beleggingen en maakt geen gebruik van derivaten. Een overzicht van de aanwezige leningen is in de onderstaande tabel opgenomen. 

Leningen ontvangen gelden (O/G)

Entiteit Omschrijving Soort lening zekerheden Start-datum Einddatum Rente percentage Openstaand bedrag 2025 (x € 1.000) Openstaand bedrag 2024 (x € 1.000)
NHL Stenden enkelvoudig Lening Ministerie van Financiën 1583 Hypothecair 23-12-2009 23-03-2037 0,77%  3.182   3.472 
NHL Stenden enkelvoudig Lening Ministerie van Financiën 1476 Hypothecair 31-08-2009 31-08-2029 3,75%  525   700 
NHL Stenden enkelvoudig Lening Ministerie van Financiën 0600 Hypothecair 02-01-2007 02-01-2029 3,83%  2.500   3.750 
NHL Stenden enkelvoudig Lening Ministerie van Financiën 1219 Hypothecair 01-08-2008 02-01-2030 4,61%  2.250   3.000 
NHL Stenden enkelvoudig Lening Ministerie van Financiën 3008 Hypothecair 18-05-2018 18-05-2048 1,02%  18.333   19.167 
NHL Stenden enkelvoudig Lening Ministerie van Financiën 3763 Hypothecair 19-04-2022 15-04-2042 0,63%  8.000   8.500 
Totaal  34.790   38.589 

Leningen uitgegeven gelden (U/G)

Entiteit Omschrijving Soort lening zekerheden Start-datum Einddatum Rente percentage Openstaand bedrag 2025 (x € 1.000) Openstaand bedrag 2024 (x € 1.000)
Wyswert Beheer BV Lening IO Vivat 2015 Geldlening zonder zekerheden 01-07-2015 01-07-2025 1,00%  -   2 
Wyswert Beheer BV Lening IO Vivat 2019 Geldlening zonder zekerheden 26-07-2019 26-07-2029 1,00%  6   8 
Wyswert Beheer BV Lening IO Vivat 2024 Geldlening zonder zekerheden 14-06-2024 01-07-2034 3,00%  90   100 
NHL Stenden enkelvoudig Lening BKL Geldlening zonder zekerheden Nvt Nvt Geen  1.500   1.500 
Totaal  1.596   1.610 

10.6 Continuïteitsparagraaf

Algemeen

Het meerjarenperspectief voor de boekjaren 2026-2029 is opgesteld aan de hand van de prognose 2025, de begroting 2026, de huidige studentenaantallen, de verwachte ontwikkeling van het markt­aandeel op basis van de referentieramingen 2025 en de actuele CBS-cijfers. Het meerjarenperspectief moet passen binnen onze normen ten aanzien van de student/fte ratio, OP/OBP ratio en de financiële ratio’s.

Student en FTE aantallen (Gegevensset A1)

  Realisatie 2025 Begroting 2026 Prognose 2027 Prognose 2028 Prognose 2029 Prognose 2030
Studenten            
Aantal studenten per 1 oktober 22.186 21.706 21.369 21.094 20.859 20.735
Personele bezetting            
Bestuur / management (fte) 24  26   26   26   26   26 
Personeel primair proces (fte) 1.267  1.238   1.151   1.059   1.033   1.023 
Ondersteunend personeel (fte) 751  736   683   626   610   604 
Totale personele bezetting (fte) 2.042 2.000 1.860 1.711 1.669 1.653
             
Ratio's            
Student / FTE ratio  10,87   10,85   11,49   12,33   12,50   12,54 
OP / OBP ratio  1,64   1,62   1,62   1,62   1,62   1,62 

Studentaantallen

Uit bovenstaande overzicht blijkt dat het aantal studenten bij onze hogeschool daalt. Deze daling is gebaseerd op de referentieramingen van het ministerie van OCW en de voor NHL Stenden relevante demografische ontwikkelingen (op basis van de meest actuele CBS-cijfers).

Personele bezetting

Uit bovenstaande tabel is af te lezen dat het aantal fte’s bij NHL Stenden de komende jaren moet dalen om een gezonde financiële situatie te behouden. De benodigde daling in fte’s is het gevolg van de daling van het aantal studenten, een lagere onderwijsbekostiging in het financiële macrokader en het aflopen van de tijdelijke middelen (krimpgelden). Het gevolg hiervan is dat de student/FTE ratio tot en met 2030 zal stijgen tot een niveau van voor corona.

Meerjarenbalans

De balans geeft inzicht in de ontwikkeling van de bezittingen, schulden en het vermogen. In de meerjarenbalans wordt verondersteld dat de liquiditeiten gelijk zijn aan de gerealiseerde baten en lasten. Uitzonderingen hierop zijn de mutaties in de voorzieningen en de investeringen/afschrijvingen. Tevens is er sprake van niet-normatief toegekende rijksbijdragen; deze zijn gedeeltelijk op de balans opgenomen en komen vrij tot en met boekjaar 2027.

Verloopoverzicht van de balanspositie inzake NPO en Krimpgelden

(bedragen x € 1.000) 2022 2023 2024 2025 2026 2027
Niet normatieve krimpgelden (ontvangsten)  -   6.712   911   1.041   1.041   - 
Krimpgeld verantwoording (kosten)  -   -   703   2.085   3.144   3.773 
Balanspositie  -   6.712   6.920   5.876   3.773   - 

Meerjarenbalans (gegevensset A3)

Geconsolideerde balans (x € 1.000)
  Realisatie 2025 Begroting 2026 Prognose 2027 Prognose 2028 Prognose 2029 Prognose 2030
             
Materiële vaste activa  153.663   151.072   148.172   145.096   141.770   139.682 
Financiële vaste activa  283   284   284   284   284   284 
Totaal vaste activa  153.946   151.356   148.456   145.380   142.053   139.966 
             
Voorraden  118   118   118   118   118   118 
Vorderingen  14.260   14.363   14.260   14.363   14.363   14.363 
Totaal vlottende activa  14.378   14.481   14.378   14.481   14.481   14.481 
             
Liquide middelen  77.435   72.342   66.675   67.204   68.908   69.373 
             
TOTAAL ACTIVA  245.759   238.179   229.509   227.065   225.442   223.820 
             
Algemene reserve  100.813   98.813   97.813   97.813   97.813   97.813 
Bestemmingsreserve - - - - - -
Overige reserves en fondsen - - - - - -
Eigen vermogen  100.813   98.813   97.813   97.813   97.813   97.813 
             
Voorzieningen  21.100   21.100   21.100   21.100   21.100   21.100 
Langlopende schulden  34.790   30.994   28.447   26.825   25.203   23.581 
Kortlopende schulden  89.055   87.272   82.149   81.327   81.326   81.326 
             
TOTAAL PASSIVA  245.758   238.179   229.509   227.065   225.442   223.820 

Materiële vaste activa

In de meerjarenbegroting is rekening gehouden met de investeringsbegroting. De gespecificeerde investeringsbegroting ziet er als volgt uit:

Investeringsbegroting

  2026 2027 2028 2029 2030
           
Vastgoed  8.000   8.000   8.000   8.000   8.000 
IT  2.700   2.700   2.700   2.700   2.700 
Onderwijs en Onderzoek  1.100   1.000   1.000   1.000   1.000 
Overig  300   300   300   300   300 
Totaal  12.100   12.000   12.000   12.000   12.000 

De investeringen  worden gefinancierd doormiddel van de reguliere kasstromen van NHL Stenden.

Financiële vaste activa

Onder de financiële vaste activa is een deelneming in Coöperatie Maritiem Academie Holland U.A. opgenomen. Daarnaast zijn er drie leningen u/g opgenomen. Op deze leningen vindt jaarlijks een minimale aflossing plaats. De verwachting is dat de resultaten uit de deelneming het effect van de aflossingen op de lening compenseren waardoor de stand van de financiële vaste activa de komende jaren gelijk blijft.

Vlottende activa

In de meerjarenbalans is verondersteld dat de vlottende activa per saldo nagenoeg gelijk zullen blijven. 

Liquide middelen

De liquide middelen zijn een resultante van het cashflow overzicht. In 2026 t/m 2028 is er een daling te zien in de liquiditeiten. Deze daling is het gevolg van negatieve en nulresultaten in combinatie met vooruit ontvangen krimpgelden, investeringen en aflossingen op de langlopende leningen. Vanaf 2028 laten de liquide middelen een stijging zien doordat er een positieve cashflow ontstaat onder andere door het afnemen van de langlopende schulden.

Eigen vermogen

Het resultaat voor 2025 bedraagt € 5,5 mln. positief. Dit resultaat wordt toegevoegd aan het eigen vermogen. In 2026 en 2027 neemt het eigen vermogen af met het begrote resultaat van -€ 2,0 mln.en -€ 1,0 mln. tot € 97,8 mln. Vanaf 2027 blijft het eigen vermogen gelijk als gevolg van de begrote nulresultaten.

Voorzieningen

NHL Stenden verwacht dat vanaf 2025 de dotaties en onttrekkingen per saldo in evenwicht zijn.

Langlopende schulden

In 2026 zal € 3,8 mln. worden afgelost op de langlopende schulden. In 2027 (aflossing € 2,5 mln.) en 2028 (aflossing € 1,6 mln.) daalt de jaarlijkse aflossing omdat een aantal van de langlopende leningen dan volledig zijn afgelost.  Het saldo van de langlopende schulden neemt daardoor af tot € 23,6 mln. per eind 2029.

Kortlopende schulden

De kortlopende schulden laten tot en met 2028 een daling zien. Deze daling wordt veroorzaakt door de vrijval van de doorgeschoven krimpgelden en als gevolg van het afnemen van de aflossingsverplichting in verband met het volledig aflossen van een aantal langlopende schulden. Vanaf 2028 blijft de kortlopende schuld stabiel.

Meerjaren resultatenrekening (gegevensset A2)

Geconsolideerde resultatenrekening (x € 1.000)

  Realisatie 2025 Begroting 2026 Prognose 2027 Prognose 2028 Prognose 2029 Prognose 2030
             
Rijksbijdragen 208.583 202.643 197.965 186.734 183.728 181.664
Overige overheidsbijdragen 14.828 18.463 15.384 15.384 15.384 15.384
College-, cursus-, les- en examengelden 59.773 60.182 60.553 59.712 59.000 58.308
Baten in opdracht van derden 11.949 12.209 12.209 12.209 12.209 12.209
Overige baten 6.551 5.293 5.293 5.293 5.293 5.293
             
Baten 301.684 298.790 291.405 279.332 275.614 272.858
             
Personele lasten 229.051 224.537 216.668 203.719 200.045 198.749
Afschrijvingslasten 14.349 14.909 14.900 15.076 15.327 14.087
Huisvestingslasten 12.848 12.453 12.453 12.453 12.453 12.453
Overige lasten 41.027 49.423 49.069 48.834 48.643 48.480
             
Lasten 297.275 301.322 293.089 280.083 276.468 273.769
             
Saldo baten en lasten 4.410  (2.532)  (1.685)  (750)  (854)  (911)
             
Financiële baten en lasten 1.079 532 685 750 854 911
             
Resultaat uit gewone bedrijfsuitoefeningen voor belasting 5.488  (2.000)  (1.000)  (0)  (0)  (0)
             
Belastingen -28  -   -   -   -   - 
Resultaat buitenlandse deelnemingen  3   -   -   -   -   - 
             
Resultaat na belastingen 5.463  (2.000)  (1.000)  (0)  (0)  (0)

Toelichting op de begroting

De begroting 2026 van NHL Stenden sluit conform de kaderbrief 2026 op -€ 2,0 mln.

De huisvestingslasten en overige lasten zijn in de begroting opgenomen op basis van het verwachte prijspeil 2025. De personele lasten zijn opgenomen op basis van uitgangspunten uit de CAO HBO 2024 – 2025 (nieuwe CAO was nog niet bekend ten tijde van het opstellen van de begroting).

De financiële middelen voor vitale opleidingen in krimpregio’s (hierna krimpgelden) zijn ontvangen in de rijksbijdragen van 2023 en 2024. Deze middelen zijn als ‘niet-normatief’ bestempeld. De betreffende middelen dienen gedurende de boekjaren 2025, 2026 en 2027 te worden besteed.

Toelichting baten

  • De rijksbijdrage voor 2026 daalt ten opzichte van de realisatie 2025. Deze daling wordt veroorzaakt door een daling in de studentaantallen (t-2 systematiek) en een daling van de onderwijsbekostiging in het financiële macrokader. De rijksbijdrage voor 2026 is gebaseerd op de eerste rijksbijdragebrief van 2026 (€ 200,2 mln.), mutatie van de op de balans opgenomen krimpgelden (€ 2,1 mln.) en de verwachte overige rijksbijdragen (€ 0,3 mln.)
  • De college-, cursus-, les- en examengelden zijn hoger dan de realisatie 2025. Een stijging van het tarief van het collegegeld in studiejaar 2025 / 2026 (+2,75%) en 2026 / 2027 (+3,5%) zorgt voor deze stijging van de collegegelden in de begroting 2026. De college-, cursus-, les- en examengelden voor de begroting 2026 zijn ingeschat op basis van de studentenaantallen per 1 oktober 2025 (eerste acht maanden van het jaar) en de prognose per 1 oktober 2026 (laatste vier maanden van het jaar) .Hierbij is (op basis van een meerjarig ervaringscijfer) rekening gehouden met uitval en de bijbehorende restitutie
  • Op totaalniveau stijgen de overige rijksbijdragen en subsidies, baten in opdracht van derden en overige baten in de begroting 2026 met € 2,6 mln. ten opzichte van de realisatie 2025. Deze stijging wordt veroorzaakt door een verhoging van het aantal grote subsidieprojecten bij o.a. de Concernstaf (JTF-project), academie Tech & Design (project Beethoven, ambities van nieuwe lectoraat Transities in de Gebouwde Omgeving en overige groeiambitie), Educatie (toename subsidie onderwijsregio’s) . Daarnaast laten ook de overige academies stijgingen zien in de subsidiebaten. De stijging van de baten werk in opdracht van derden is bij diverse onderdelen zichtbaar. De daling van de overige baten is een gevolg van de opgenomen taakstellingen in de begroting 2025

Toelichting lasten

  • De personele lasten dalen in de begroting 2026 met € 4,5 mln. ten opzichte van de realisatie 2025. Deze afname wordt met name veroorzaakt door een daling in de formatie (personeel in loondienst) van 42 fte ten opzichte van realisatie 2025. Het personeel niet in loondienst is in de begroting 2026 gelijk gehouden aan de realisatie 2025 (22 fte). De daling van fte resulteert in lagere personele lasten in de begroting 2026. 
  • De begrote afschrijvingslasten 2026 zijn hoger dan de gerealiseerde afschrijvingslasten 2025 als gevolg van de verwachte investeringen (zie ook investeringsbegroting). De afschrijvingen zijn begroot op basis van de huidige afschrijvingen en de investeringsbegroting 2026. Hierbij is per activum een inschatting gemaakt van het moment van ingebruikname.
  • De begrote huisvestingslasten in 2026 dalen met € 0,4 mln. ten opzichte van de realisatie 2025.
  • Bij de overige lasten zien we een toename van € 8,4 mln. ten opzichte van de realisatie 2025. Deze toename wordt voornamelijk veroorzaakt door de centraal gereserveerde middelen.
  • De begrote financiële baten en lasten in de begroting 2026 dalen met € 0,5 mln. ten opzichte van de realisatie 2025. Deze daling wordt veroorzaakt door de lagere financiële lasten als gevolg van de reguliere aflossingen op de langlopende schulden en daarnaast nemen de financiële baten af als gevolg van een dalende rente.

Toelichting op de meerjaren-resultatenrekening

In het meerjarenperspectief (2027-2030) is geen rekening gehouden met loon- en prijsstijgingen. Het uitgangspunt is dat loon- en prijsstijgingen worden gecompenseerd via de rijksbijdragen.

Rijksbijdrage

De studentenaantallen van NHL Stenden zullen naar verwachting dalen in de komende jaren. De verwachte daling is voor NHL Stenden sterker dan de landelijke verwachting  omdat NHL Stenden is gevestigd in een krimpregio. Een gevolg hiervan is dat het marktaandeel op de lange termijn een dalende tendens heeft. Het dalende marktaandeel in combinatie met een dalend meerjarig financieel macrokader resulteert, ondanks de doorgeschoven krimpgelden, in een dalende rijksbijdrage in de komende jaren.

NHL Stenden heeft krimpgelden toegewezen gekregen. De krimpgelden worden in de periode 2023 t/m 2026 ontvangen (totaal € 9,7 miljoen). Gedurende 2024 is hiervan € 0,7 miljoen besteed en in 2025 is er € 2,1 miljoen besteed. Het niet bestede deel van de krimpgelden wordt doorgeschoven naar 2026 (€ 3,1 mln.) en 2027 (€ 3,8 mln.). Voorgaande mutaties zijn verwerkt in de rijksbijdrage. Voor een verloopoverzicht van bovenstaande middelen, zie het mutatieoverzicht krimpgelden.

Collegegelden

In de meerjarenbegroting wordt het collegegeld berekend op basis van de laatste bekende collegegeldtarieven en de verwachte studentenaantallen (rekening houdend met de verwachte uitval). Tot en met 2027 laten de collegegelden een kleine stijging zien als gevolg van de gestegen collegegeldtarieven (studiejaar 2025-2026 +2,75% & 2026-2027 +3,5%). Vanaf 2027 laten de collegegelden een daling zien als gevolg van de dalende studentenaantallen.

Baten niet gerelateerd aan studentenaantallen (Subsidiebaten, baten in opdracht van derden en overige baten)

De baten in opdracht van derden en overige baten zijn voor de prognose 2027 t/m 2030 conform de begroting 2026 verwerkt. De subsidiebaten zijn in de begroting 2026 fors gestegen, voorzichtigheidshalve is meerjarig beperkt rekening gehouden met de betreffende stijging.

Personeelslasten

De personele lasten laten een daling zien gedurende de periode 2027 t/m 2030. Deze daling wordt veroorzaakt door:

  1. De studentenaantallen van NHL Stenden dalen, wat resulteert in een lagere benodigde bezetting;
  2. Er zijn de afgelopen jaren tijdelijke extra middelen ontvangen (Krimpgelden). Deze middelen worden ingezet tot en met 2027. Na 2027 zijn deze tijdelijke middelen niet meer beschikbaar;
  3. Er is sprake van een daling van de onderwijsbekostiging, dit betekent dat er minder financiële middelen door het rijk per bekostigde student beschikbaar worden gesteld. Hierdoor kan er de komende jaren minder personeel worden ingezet.

Afschrijvingslasten

De begrote afschrijvingslasten zijn gerelateerd aan de meerjareninvesteringsbegroting.

Huisvestingslasten

De huisvestingslasten 2027 t/m 2030 zijn stabiel gehouden en conform de begrote huisvestingslasten 2026.

Overige lasten

De overige lasten 2027 t/m 2030 dalen als gevolg van de dalende studentenaantallen.

Financiële lasten

De financiële lasten dalen de komende jaren als gevolg van de reguliere aflossingen op de langlopende schulden. Daartegenover staan financiële (rente) baten als gevolg van te ontvangen rente op openstaande saldi bij het ministerie van OCW. De verwachting ten aanzien van de rentebaten betreft een verdere daling in de komende jaren als gevolg van de dalende rente. De post financiële baten en lasten laat hierdoor in 2026 een daling zien, de jaren erna stijgt deze post als gevolg van lagere financiële lasten.

10.7 Risicoparagraaf

B1. Rapportage bestaan en werking intern risicobeheersingssysteem

Risicohouding
De risicohouding van de hogeschool is, als maatschappelijke organisatie, te kwalificeren als risicoavers. Dit betekent dat (grote) risico’s niet willens en wetens actief worden opgezocht. Risicoavers betekent overigens niet dat NHL Stenden geen enkel risico loopt of dat risico’s nooit bewust worden gelopen. We gaan echter voorzichtig om met de ons ter beschikking gestelde publieke middelen en we maken inzichtelijk welke risico’s we lopen. Dit gebeurt veelal door middel van periodieke informatievoorziening en besluitvorming.

De medewerkers hebben een grote verantwoordelijkheid voor het dagelijks maken van de juiste afwegingen. Het bestuur onderkent dat medewerkers dit alleen succesvol kunnen doen als risicomanagement niet een doel op zich is, maar een gedachtegoed waarmee het mogelijk wordt om expliciet nog meer inzicht en bewustzijn te creëren in de mate waarin de gestelde doelstellingen voor onze studenten, de beroepspraktijk en de maatschappelijke omgeving worden gerealiseerd.

Risicobeheersingssysteem

Op basis van de notitie risicomanagement heeft het College van Bestuur vastgesteld dat risicobeheersing integraal en expliciet ingepast wordt in de bestaande planning- en controlcyclus. Dit betekent dat risico’s breed in de organisatie benoemd en geadresseerd worden. Periodiek worden, in samenspraak met de Raad van Toezicht, de bestaande strategische risicoanalyse door het College van Bestuur en de directeuren geactualiseerd op basis van de gestelde doelen in het strategisch instellingsplan. Dit heeft meest recent op 13 januari 2026 plaatsgevonden.

Jaarlijks worden op basis van een format risicokaart, dat onderdeel is van het rapportageformat, de risicoparagrafen van de jaarplannen van academies en de diensten opgenomen en besproken met het College van Bestuur. Op deze manier beheersen we de strategische risico’s die zijn geïdentificeerd via de reguliere planning- en controlcyclus. Dit op basis van de vastgestelde kaderbrief, de daaraan gerelateerde jaarplannen van de organisatieonderdelen, periodieke informatievoorziening en periodieke R-gesprekken tussen het management van de organisatieonderdelen en het College van Bestuur.

De operationele risico’s en beheersingsmaatregelen zijn verankerd in de operationele processen.

B2. Beschrijving van de belangrijkste risico’s en onzekerheden

Op basis van de bijgestelde strategische risicokaart per januari 2026 zullen we de risico’s met de hoogste bruto-kans en impact tezamen met de daaraan gekoppelde beheersmaatregelen weergeven. De risico’s staan in relatie met de doelstellingen. Hierin worden ook risico’s als compliance, privacy en financiële risico’s meegenomen. Er zijn geen risico’s en onzekerheden die in het boekjaar 2025 een belangrijke impact op de entiteit hebben gehad.

Strategische risico's

De basis van de strategische risico’s is het strategische instellingsplan en de hierin opgenomen maatschappelijke opdracht voor NHL Stenden en het gestelde perspectief 2035. De strategische risico’s zijn op basis van het strategisch instellingsplan onderverdeeld naar ons profiel, onze leidende principes en algemene risico’s. De risico’s volgens de bijgestelde strategische risicokaart zijn als volgt:

  • Door de verwachte krimp in het aantal studenten kan de hogeschool de gestelde doelen niet realiseren omdat er minder middelen beschikbaar komen. Beheersmaatregelen om dit risico te verzachten, zijn het voeren van portfoliodiscussie en het opstellen van een portfolioanalyse. Aan de hand hiervan kunnen we scenario's schetsen en keuzes maken in het portfolio. De verwachte krimp in studentenaantallen zal hierbij elders opvangen moeten worden door middel van flexibel onderwijs en afstandsonderwijs, internationalisering en commerciële en publieke activiteiten.
  • De toenemende kans op een cyberaanval en het niet voldoen aan de privacy-regels bedreigt de continuïteit van NHL Stenden en kan reputatieschade veroorzaken. Als beheersmaatregel investeert NHL Stenden in de volwassenheid van de security organisatie. Met behulp van het informatiebeveiligingsbeleid willen we onze security organisatie voor 10 systemen op CMM niveau 3 brengen en daar houden. Daarnaast wordt ingezet op awareness op houding en gedrag van de medewerkers en studenten, alsmede systeemtechnische bescherming en oefening.
  • We slagen er onvoldoende in om onze maatschappelijke opdracht te vervullen om een bijdrage te leveren aan het versterken van de brede welvaart en de duurzame regio’s waarin we actief zijn. De herkenbaarheid en inhoud scherp maken is een van de beheersmaatregelen. Dit zowel intern als naar de buitenwereld. Daarnaast keuzes maken op basis van het beleid.
  • Er komen minder internationale studenten waardoor onze bedrijfsvoering en continuïteit in het geding zijn. Beheersmaatregelen zijn het versterken van de (internationale) werving en het voeren van regionale portefeuillediscussie. Daarnaast het versterken van onze eigen portefeuillestrategie en locatiestrategie.
  • We kunnen de kwaliteit niet op het gewenste niveau houden in verband met afname van ons personeelsbestand. Als beheersmaatregel zetten we in op professionalisering van het personeel. We sturen op strategische personeelsplanning, duurzame inzetbaarheid en excellent werkgeverschap.Onze focus ligt op mobiliteit en employability.
  • De(ver)bouwinitiatieven en mogelijk ook de exploitatiekosten van sommige gebouwen zijn niet in verhouding tot het verwachte aantal studenten en daardoor de geldende norm in het onderwijs. De beheersmaatregel zit op het opnieuw beoordelen van de geplande initiatieven op het vlak van huisvesting en dit mogelijk herzien qua omvang en planning.
  • De bouwkosten, energieprijzen, inflatie en rente stijgen dusdanig waardoor er onvoldoende middelen beschikbaar komen om onze doelstellingen te realiseren. Als beheersmaatregel spelen we in op de ontwikkelingen hiervan en maken we op basis hiervan keuzes. Zelfs mogelijke verkoop. Daarnaast wordt er budget gereserveerd voor mogelijke stijging van de energieprijzen.
  • De bekostiging van het onderwijs en het onderzoek vanuit OCW is onvoldoende. Als beheersmaatregel zetten we in op het aanpassen van het curriculum op basis van de bekostiging en zullen er slimme keuzes gemaakt moeten worden.
  • De toenemende flexibilisering van het onderwijs heeft invloed op de onderwijsrendementen en de bekostiging. Alsmede op de inrichting van de systemen en vervaging van onze identiteit. Ter beheersing van dit risico differentiëren we naar domein en laten we daarbij verschil staan per domein. 
  • De geopolitieke situatie heeft impact op de hogeschool. Polarisatie versterkt de noodzaak tot (interne) dialoog, waar we dan ook op inzetten. Onze afnemende aantrekkelijkheid van het internationaal profiel vraagt om wendbaarheid. Sociaal demografische analyse van de instroom voeren we uit als beheersmaatregel.



De risico's volgens de bijgestelde risicokaart zijn als volgt opgenomen in de risk heat map.

NHL Stenden heatmap 2025
NHL Stenden risk heat map 2025
Risk heat map ontwikkelingen
Risk heat map ontwikkelingen 2025

B3. Rapportage toezichthoudend orgaan
Hier wordt verwezen naar het verslag van de Raad van Toezicht.

10.8 Verantwoording inzake notitie Helderheid bekostiging

De hogeschool rapporteert over de activiteiten in het kader van de voor de hogeschool relevante thema’s uit de notitie ‘Helderheid in de bekostiging van het hoger onderwijs’; OCW, 29 augustus 2003, ‘Aanvulling op de notitie ‘Helderheid in de bekostiging van het hoger onderwijs’; OCW, 27 augustus 2004 en de beleidsregel ‘Investeren met publieke middelen in private activiteiten’; OCW, 21 Maart 2025. Conform de richtlijnen zijn we verplicht om over diverse thema's te rapporteren, welke onderstaand zijn weergegeven. Per thema is de omschrijving uit de notitie opgenomen en vervolgens is de verantwoording weergegeven.

Thema 1 - Uitbesteding

Onze hogeschool besteedde in het kader van de Grand Tour delen van het onderwijs uit aan de internationale Grand Tourlocaties. In 2025 namen 689 studenten deel aan de Grand Tour. In totaal volgden deze studenten 1091 modulen op één van de locaties. De locaties ontvingen daarvoor € 1,8 miljoen.

Om studenten van de Hotel Management School (Ad, bachelor en master) in het kader van Real World Learning een realistische leeromgeving aan te kunnen bieden, bestaat het leerbedrijf NHL Stenden Hospitality Group BV (NHG BV). NHG BV is een integraal onderdeel van het curriculum van de Hotel Management School en heeft een vestiging in Leeuwarden. MeetingU is het eventorganisatie bureau van NHG BV.

In 2025 participeerden eerste-, tweede- en derdejaars Hotel Management School studenten in dit leerbedrijf. NHG BV ontving € 2,6 miljoen voor het totale leerbedrijf en al het uitbestede onderwijs dat zij uitvoeren voor Hotel Management School en de eerste-, tweede- en derdejaars studenten. NHL Stenden verantwoordt zich hier over het uitbesteden van (delen van het) bekostigd onderwijs aan zowel niet als wel bekostigde instellingen, tegen betaling van de geleverde prestatie.

Daarnaast ontving NHG BV vanuit stichting NHL Stenden € 1,7 miljoen voor het exploiteren van de Campus Catering en het organiseren van evenementen. 

Grand tour
NHL Stenden heeft in 2025 bachelor studenten in het kader van de Grand Tour in de gelegenheid gesteld één of twee modulen (maximaal een semester) te studeren aan één van de Grand Tour partnerlocaties van NHL Stenden.

Vanuit het profielkenmerk Internationalisering heeft NHL Stenden het Grand Tour-concept ontwikkeld, waarmee zij studenten de mogelijkheid biedt om één of twee periodes (maximaal een semester) te studeren aan één van de Grand Tour partnerlocaties van NHL Stenden. Het Grand Tour-concept biedt studenten de kans een unieke ervaring op te doen in het buitenland, met programma’s die worden verzorgd op een gelijk kwaliteitsniveau en die plaatsvinden in een veilige context. De Grand Tour staat in principe open voor studenten van alle opleidingen van alle vestigingen.

Overige vormen van samenwerking
Naast deze uitbestedingen werkt NHL Stenden op diverse punten samen met andere bekostigde instellingen, waarbij partijen hun aandeel inbrengen in een gemeenschappelijk product, zonder strikt genomen onderwijstaken uit te besteden in de zin van ‘Helderheid’ en ‘Aanvulling op Helderheid’. Onderstaande voorbeelden illustreren dit.

Academische Pabo (AOLB)
Deze opleiding, die in september 2010 in Groningen van start ging, is een samenwerkingsverband tussen de Rijksuniversiteit Groningen, Hanze en NHL Stenden. Genoemde instellingen bieden met deze opleiding studenten de mogelijkheid zowel de hbo-bachelor ‘Leraar Basisonderwijs’ als de WO-bachelor ‘Pedagogische Wetenschappen’ te behalen. Het betreft hier een samenwerkingsverband, waarin partijen hun aandeel in het onderwijs inbrengen en zelf uitvoeren. Formeel wordt er niets uitbesteed.

De opleidingen Life Sciences zijn een 8.1 WHW-samenwerking met hogeschool Van Hall Larenstein (locatie Leeuwarden). De Master Kunsteducatie (MKE) is een joint degree en wordt uitgevoerd in samenwerking met de Hanze.

Investeren van publieke middelen in private activiteiten

Vanaf 2025 is de nieuwe beleidsregel ‘Investeren met publieke middelen in private activiteiten’ van kracht (uitgebracht 28 maart 2025). De nieuwe beleidsregel verduidelijkt een aantal relevante begrippen en geeft toelichting over de voorwaarden waaronder het is toegestaan met publieke middelen te investeren in private activiteiten, inclusief de wijze van verantwoording. OCW heeft voor het verslagjaar 2025 een aantal versoepelingen opgenomen voor de verslaglegging en controle ingevoerd waaronder bijvoorbeeld valorisatie activiteiten, activiteiten vanuit Leven Lang Ontwikkelen (LLO), activiteiten van geconsolideerde rechtspersonen en sport- en cultuurvoorzieningen (brief van 14-10-2025).

Onderstaande is een omschrijving van de private activiteiten en het bijbehorende beleid weergegeven. De omschrijvingen zijn gebaseerd op basis van de beleidsregel ‘Investeren met publieke middelen in private activiteiten’  en documentatie zoals verstrekt door het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.

Algemeen
NHL Stenden ontplooit activiteiten op grond van, of gerelateerd aan de wettelijke taak op het gebied van onderwijs, onderzoek en valorisatie activiteiten die in lijn zijn met de strategische doelstellingen. Deze activiteiten worden niet bekostigd door de overheid, maar dragen een privaat karakter. Het gaat daarbij onder meer om contractonderwijs, contractonderzoek, een leerwerkbedrijf, parkeeractiviteiten, verhuur van onbenutte ruimten, detacheringen van personeel. De baten ten aanzien deze activiteiten zijn zichtbaar in de jaarrekening onder de posten ‘Werken voor derden’ en ‘Overige baten’.

Bij het aangaan van nieuwe activiteiten met een privaat karakter dient te worden vastgesteld dat de doelstelling van de activiteit in lijn is met de kernactiviteiten van de hogeschool, dan wel noodzakelijk, en dat de risico’s afdoende worden beheerst. De eerste toets ten aanzien van nieuwe activiteiten wordt uitgevoerd door de projectleider, vervolgens wordt de activiteit van advies voorzien door de werkgroep Publiek-Privaat. Deze werkgroep toetst de activiteit aan de hand van de beleidsregel ‘investeren met publieke middelen in private activiteiten’. Het uiteindelijke besluit ten aanzien van de uitvoeren van de activiteit wordt genomen door het College van Bestuur. 

NHL Stenden wil voorkomen dat voor deze activiteiten de rijksbijdrage en/of de collegegelden moeten worden ingezet, en heeft daarom een aantal maatregelen getroffen om dat te borgen. Om te voldoen aan de vereiste verantwoording op basis van de beleidsregel is een werkgroep publiek-privaat ingericht. Deze werkgroep heeft op basis van de financiële administratie een analyse gemaakt van de activiteiten en deze gecategoriseerd naar publieke en private activiteiten. Activiteiten die kenmerken van een private activiteit hebben worden in het jaarverslag verantwoord, die wordt bekrachtigd door de Raad van Toezicht en het College van Bestuur. 

Voor de rapporterende eenheden zijn in het verleden informatiesessies georganiseerd over de kaders. Eén van de kaders is de integrale kostprijs. De IKS tarieven worden jaarlijks door een accountant vastgesteld op basis van nacalculatie. In de tarieven zijn indirecte kosten voor huisvesting en afschrijvingen opgenomen (aansluitend bij de beleidsregel). De bijbehorende tarieven zijn kostendekkend. Voor private activiteiten wordt de integrale kostprijzen inclusief risico-opslag gehanteerd of er is sprake van een marktconform tarief. Binnen de academies wordt continue aandacht gevraagd voor het risico van ‘oneerlijke concurrentie’ door niet tegen een te laag tarief faciliteiten en/of diensten vanuit de hogeschool ter beschikking te stellen.

Naast het uitvoeren van analyse om te kunnen verantwoorden in het jaarverslag, worden ook gedurende het jaar analyses uitgevoerd ten aanzien van de private activiteiten. Hierbij wordt niet alleen gekeken naar de actuele stand, maar worden ook de mogelijke risico's inzichtelijk gemaakt en wordt een verwachting voor het gehele boekjaar opgesteld. De uitkomsten van deze analyses worden gedeeld het het College van Bestuur en de Raad van Toezicht in de reguliere rapportage momenten. 

Contractonderzoek en contractonderwijs
NHL Stenden hogeschool biedt naast de reguliere opleidingen ook de mogelijkheid aan om losse cursussen te volgen (contractonderwijs). Voor contractonderwijs geldt in veel gevallen dat we in eerste instantie de cursist in het reguliere onderwijs al hebben opgeleid (toen was hij/zij nog student), en in het cursorisch onderwijs zorgen wij ervoor dat de voormalige studenten bijblijven met de ontwikkelingen in het betreffende vakgebied. De cursisten die uit het werkveld komen, nemen ervaringen mee die ook weer in het bekostigde onderwijs kunnen worden gebruikt.

Voor contractonderzoek geldt dat dit deel uitmaakt van de zogenaamde ‘driehoek’ die we bij veel opleidingen zien. Dit is de driehoek tussen onderwijs, onderzoek en valorisatie. Het onderzoek wordt verricht door docenten die ook werkzaam zijn in het bekostigde onderwijs, de resultaten van het onderzoek worden vervolgens weer verwerkt/meegenomen in het onderwijs (valorisatie). Vaak gebeurt het ook dat studenten uit het onderwijs meewerken aan het onderzoek, wat ook aansluit bij het onderwijsconcept DBE. Het onderzoek levert dus meerwaarde op voor het bekostigde onderwijs. De medewerkers bij NHL Stenden die werkzaam zijn binnen het contractonderzoek en contractonderwijs hebben de titel docent - onderzoeker en zijn werkzaam in een mix tussen regulier onderwijs en contractonderwijs en -onderzoek.

Om het contractonderzoek en -onderwijs te beheersen worden projecten geadministreerd in een projectadministratie. De procedure is dat per activiteit een project wordt aangemaakt in de projectadministratie waarbij de kosten en opbrengsten worden geregistreerd. Ieder project heeft een projectleider. De projectleider wordt ondersteund door een projectcontroller en businesscontroller. De eindverantwoordelijkheid van het project ligt bij de directeur van de rapporterende eenheid die het project uitvoert. 

Gedurende 2025 is er voor € 7.788k (2023: € 7.441k) aan opbrengsten gerealiseerd vanuit het contractonderwijs en onderzoek. De geïnvesteerde publieke middelen zijn gelijk aan de gemaakte kosten en betreffen € 5.643k (2024: € 5.375k). De opbrengsten zijn hoger dan de bijbehorende kosten, er is daardoor sprake van een proportionele investering. 

NHL Stenden Hospitality Group BV
NHL Stenden heeft een leerwerkbedrijf, namelijk NHL Stenden Hospitality Group BV, hierna NHG BV. Het leerwerkbedrijf is opgericht om te voorzien in het praktijkonderwijs ten behoeve van de opleidingen van de Hotel Management School) en daarmee te voorzien in de wettelijke taak. Binnen het leerwerkbedrijf van NHL Stenden oefent de student relevante competenties, door op een werkplek in de rol van werknemer realistische beroepstaken uit te voeren op hbo-niveau (meerwaarde voor de kwaliteit van de uitvoering van de wettelijke taak)

De faciliteiten aangeboden door het leerwerkbedrijf zijn beschikbaar voor publiek buiten NHL Stenden. Voor NHG BV betekent dit dat het een private activiteit betreft. Gedurende 2025 is een analyse uitgevoerd ten aanzien van de gehanteerde tarieven, hieruit blijkt dat er een marktconforme prijs wordt gehanteerd bij de activiteiten van NHG BV. 

Het leerwerkbedrijf (NHG BV) heeft een eigen rechtsvorm, administratie, rapportages, verantwoording en personeelsbestand. De sturing, het beleid en het risicobeheer is de verantwoordelijkheid van de directeur van NHG BV waarbij toezicht wordt gehouden door NHL Stenden Hogeschool. Uitgangspunt hierbij is dat de continuïteit van NHG gewaarborgd blijft, de financiële stromen zijn onderbouwd en wordt gehandeld binnen de wettelijke kaders.

Gedurende 2025 zijn er binnen het leerwerkbedrijf voor € 9,1 mln. (2024: € 9,2 mln.) aan baten gerealiseerd. Van deze baten is €3,2 miljoen afkomstig van externen (2024: €3,1 mln.). Vanuit stichting NHL Stenden is gedurende 2025 een bijdrage van € 4,3 mln. (2024: € 4,6 mln.) gedaan in verband met het begeleiden en opleiden van de studenten. Daarnaast is er nog sprake van € 1,6 miljoen interne omzet in verband met evenementen (2024: €1,6 miljoen). De totale kosten binnen NHG betroffen 9,1 miljoen (2024: € 9,2 miljoen). Dit resulteert in een positief resultaat van € 1k (2024: € 12k). 

Vanuit NHG BV worden de catering en kantineactiviteiten binnen de hogeschool geëxploiteerd. De omvang hiervan betrof in 2025 €2,3 miljoen (2024: € 2,0 miljoen). Om deze activiteiten in stand te houden is er door NHL Stenden in 2025 een bijdrage in gedaan van €500k (2024: €600K), dit betreffen de geïnvesteerde publieke middelen in deze private activiteit.

Beheersorganisatie kenniscampus (hierna BKL) - parkeeractiviteiten
Beheerorganisatie Kenniscampus Leeuwarden B.V. (BKL) beheert de parkeerterreinen voor NHL Stenden. Deze parkeerterreinen worden door studenten en medewerkers gebruikt. Voor sommige medewerkers en studenten is het noodzakelijk om met de auto naar de campus te komen omdat er simpelweg geen alternatieven zijn (beperkte openbaar vervoer verbinding. Het aanbieden van parkeermogelijkheid bevordert de toegankelijkheid van de campus en daarmee het hoger onderwijs (meerwaarde voor de uitvoering van de wettelijke taak).

De parkeerterreinen zijn ondergebracht in een aparte entiteit Beheersorganisatie Kenniscampus Leeuwarden BV. Deze entiteit heeft een eigen directeur welke verantwoordelijk is voor de activiteiten. De verantwoording over de activiteiten en het risicobeleid vindt plaats middels het reguliere proces van NHL Stenden.

Er is geen sprake van een integrale kostprijs bij het aanbieden van het parkeren. Wel is er sprake van een marktconform tarief. In de nabijgelegen omgeving bestaan namelijk ook gratis parkeerplekken. De dichtbijzijnde parkeergarage rekent € 4,00 per dag. Dit is duurder dan € 3,50 echter is deze ook dichter bij het centrum gelegen. Indien de vergelijking met andere hogescholen wordt gemaakt liggen de parkeerkosten op hetzelfde niveau.

Gedurende 2025 betroffen de baten bij BKL € 703k (2024: € 790k), hiervan was € 278k (2024: € 585k) afkomstig van NHL Stenden (geïnvesteerde publieke middelen). De totale kosten betroffen € 698k (2024: 785k). Dit resulteert in een positief resultaat van € 4k (2024: € 6k). Per 2026 zijn de parkeertarieven verhoogd. In de toekomst zullen de geïnvesteerde publieke middelen hierdoor afnemen.

Verhuuropbrengsten
Verhuuropbrengsten van NHL Stenden zien toe op verhuur van ruimtes aan andere onderwijsinstellingen, dan wel aan derde partijen die ook werkzaamheden voor NHLS verrichten. De ruimtes die worden verhuurd betreft restcapaciteit binnen de onderwijscampus van NHL Stenden. Indien we de betreffende ruimtes niet verhuren zouden ze (tijdelijk) leegstaan en hier geen opbrengsten (ten gunste van de publieke middelen waarmee meerwaarde wordt gecreëerd voor de wettelijk taak) uit voortkomen. Afstoten is van de ruimtes is niet aan de orde gezien deze onderdeel uitmaken van de onderwijscampus. 

De verhuurprijzen zijn bepaald aan de hand van een calculatiemodel (integrale kostprijs) rekening houdend met geldende markttarieven. Voor langdurige contracten staan de verhuurprijzen voor een aantal jaar vast, deze kunnen niet tussentijds worden aangepast. Op het moment dat er sprake is van het aflopen van het contract worden de verhuurprijzen opnieuw gecalculeerd en afgezet tegen de geldende marktarieven.

De verantwoordelijkheid ten aanzien van de huisvesting (inclusief verhuur) is ondergebracht bij de dienst Fysieke LeerWerk Omgeving (FLWO). Deze dienst ziet toe op het beheersen van de huisvesting van NHL Stenden Hogeschool. Dit doen zij onder andere door het opstellen van een strategisch huisvestingsplan.

Gedurende 2025 is er voor € 452k (2024: € 436k) aan verhuuropbrengsten gerealiseerd. Momenteel worden de kosten behorende bij de verhuur niet geregistreerd. Op basis van de verhuurde vierkante meters en de integrale kostprijsberekening zijn de kosten en geïnvesteerde publieke middelen bepaald op € 456k (2024: € 407k). Dit resulteert in een negatief resultaat uit verhuur van € 4k (2024: +€ 29k). Dit negatieve resultaat is ontstaan omdat er bij een aantal grote huurcontracten is gewerkt met marktconforme prijzen in plaats van integrale kostprijzen. De geïnvesteerde publieke middelen zijn daarintegen wel bepaald op basis van de integrale kostprijzen. In verband met krimpende studentaantallen wordt momenteel onderzocht welke mogelijkheden er bestaan ten aanzien van de overcapaciteit en campusontwikkelingen. 

Detachering van personeel
Bij NHL Stenden is sprake van het detacheren van personeel aan andere organisaties of instellingen. NHL Stenden detacheert enkel personeel aan onderwijsinstellingen of organisatie met een publiek belang waardoor er sprake is van onderlinge kennisdeling ten behoeve van het publieke belang (meerwaarde voor de wettelijke taak).

De verantwoordelijkheid ten aanzien van het detacheren van personeel is ondergebracht bij de dienst HRM. Deze dienst ondersteunt de overige rapporterende eenheden in het organiseren van de personele bezetting en de bijbehorende personele zaken. Het beheersen van de capaciteit gebeurt onder andere door het gebruik van bezettingsoverzichten en het opstellen van een meerjarenbegroting.

Gedurende 2025 zijn er € 1.784k (2024: € 1.733k) aan baten gerealiseerd vanuit detacheringen. Conform de beleidsregel is het voldoende om detacheringen die vallen onder de onderwijsvrijstelling (BTW) tegen een kostendekkend tarief te factureren. Bij NHL Stenden werden t/m september 2025 alle detacheringen tegen een kostendekkend tarief gefactureerd. Vanaf september 2025 wordt  er voor de detacheringen die niet onder de onderwijsvrijstelling (BTW) vallen een integrale kostprijs gehanteerd. Er is totaal voor € 1.009k zonder BTW (2024: € 1.053k) gedetacheerd en voor € 774k met BTW (2024: € 680k). De geïnvesteerde publieke middelen zijn gelijk aan de baten, daarbovenop zou voor de detacheringen met BTW nog een overhead moeten worden gerekend. Dit gebeurde in 2025 het grootste gedeelte van het jaar niet. De impact hiervan betreft +- €170k (2024: €200k). De totale kosten voor detacheringen komt daarmee uit op € 1.953k (2024: € 1.933k) Wij vinden de investering vanuit de publieke middelen ten aanzien van de personele detacheringen proportioneel omdat het detacheringen aan organisaties met een publiek belang (valorisatie) betreft waarbij de loonkosten worden gedekt.  

Leeuwarden Student City
Per 01-01-2025 heeft NHL Stenden overheersend zeggenschap verkregen in Leeuwarden Student City. Leeuwarden Student City (hierna LSC) is een stichting die zorgt voor het organiseren van activiteiten, evenement en ondersteuning ten behoeve van studenten van Leeuwarden. LSC betreft een stichting waarin NHL Stenden, Rijksuniversiteit Groningen, Van Hall Larenstein, Firda en gemeente Leeuwarden betrokken zijn. Activiteiten die worden georganiseerd zijn bijvoorbeeld de introductieweken van Leeuwarden als studiestad (LEIP) en studentensport. Een student die fysiek en mentaal fit is zal beter presteren gedurende zijn studieperiode. Daarnaast zorgen de activiteiten voor het in contact brengen van studenten met elkaar en met organisaties en verengingen binnen Leeuwarden. Indirect draagt dit bij de toegankelijkheid en kwaliteit van het bekostigde onderwijs. LSC heeft een maatschappelijk doel, en heeft geen intentie om winst te maken of in concurrentie te treden met commerciële partijen. Voor de controle van 2025 zijn de activiteiten van LSC uitgezonderd van de controle, volledigheidshalve zijn deze wel in de verantwoording opgenomen. 

Stichting Leeuwarden Student City is ondergebracht in een eigen stichting waarbij NHL Stenden bestuurder is. Om de stichting aan te sturen is er sprake van een directeur. Stichting Leeuwarden Student City heeft zijn eigen administratie, rapportages en ze legt zelf verantwoording af. De sturing, het beleid en het risicobeheer is de verantwoordelijkheid van de directeur van Stichting Leeuwarden Student City waarbij toezicht wordt gehouden door NHL Stenden Hogeschool. Uitgangspunt hierbij is dat de continuïteit gewaarborgd blijft en de financiële stromen zijn onderbouwd.

In 2025 is er in totaal een opbrengst geweest van € 1,2 miljoen, hier stond € 1,3 miljoen aan kosten tegenover. Dit resulteert in een verlies van € 123k. Dit betreft een begroot verlies omdat de keuze is gemaakt dat het vermogen van LSC in mocht krimpen. Van de totale opbrengst van 1,2 miljoen is €550k afkomstig van NHL Stenden (geïnvesteerde publieke middelen).

Studenthuisvesting
NHL Stenden maakte in 2025 voor €395k (2024: € 268k) aan kosten ten behoeve het realiseren van huisvesting van studenten. Om het onderwijs voor iedereen toegankelijk te houden is het van belang dat er voldoende huisvesting beschikbaar is voor studenten (meerwaarde voor de uitvoering en kwaliteit van de wettelijke taak). Tegenover de betaalde vergoedingen aan de verhuurders stonden zeer beperkt opbrengsten (€ 40k), tevens is er geen sprake van een marktconform tarief. De kosten voor studentenhuisvesting zijn ondergebracht bij de dienst FLWO. De kosten met betrekking tot de studentenhuisvesting worden periodiek geëvalueerd vervolgens gerapporteerd in de geconsolideerde rapportage.

Sportfaciliteiten
Per 01-01-2026 heeft NHL Stenden de sportfaciliteiten van Bewegingscentrum Leeuwarden overgenomen (inmiddels Aikon Gym). Het bewegingscentrum faciliteert sportactiviteiten voor studenten en medewerkers van NHL Stenden.Tevens is het ook mogelijk voor derden om er te sporten. De tarieven die gehanteerd worden liggen in lijn met de markt. Voor de controle van 2025 zijn sportactiviteiten uitgezonderd van de controle , volledigheidshalve zijn deze wel in de verantwoording opgenomen.

De sportfaciliteiten zijn ondergebracht bij de dienst Fysieke LeerWerk Omgeving (FLWO). Deze dienst ziet toe op het beheersen van de sportfaciliteiten van NHL Stenden Hogeschool. Deze beheersing vindt plaats door het periodiek opstellen en rapporteren over de sportfaciliteiten aan het College van Bestuur.

De formele overnamedatum ligt in 2026. Informeel zijn de activiteiten reeds per mei 2025 onder beheer van NHL Stenden. NHL Stenden betaalt vanaf mei 2025 een aantal rekeningen van BCL en ontvangt omzet. In 2025 is voor € 85k aan baten ontvangen vanuit de sportfaciliteiten, hiertegen over staat € 215k aan kosten. Dit resulteert in een verlies van € 130k in 2025. 

Thema 4 - Bekostiging van buitenlandse studenten in het kader van uitwisselingsprogramma’s

Omschrijving:

  1. Buitenlandse studenten in het buitenland die deelnemen aan distance learning (leren op afstand) via een Nederlandse instelling.
  2. Buitenlandse studenten die in feite (grotendeels) in het buitenland studeren.
  3. Buitenlandse studenten die in Nederland een deel van de opleiding c.q. stage volgen.
  4. Studenten die het laatste jaar zowel bij een buitenlandse als een Nederlandse hogeschool zijn ingeschreven en die een Nederlands diploma behalen.

Verantwoording
Het betreft hier niet-NHL Stenden-studenten die studeren aan een buitenlandse instelling en gebruikmaken van een uitwisselingsprogramma en een deel van hun studie volgen aan onze hogeschool. Bij NHL Stenden was dit in het verslagjaar 2025 niet aan de orde, er was enkel sprake van uitwisselingsstudenten. Het totaal aantal NHL Stenden-studenten dat in 2025 participeerde in een uitwisselingsprogramma bedroeg 290 van wie 225 in Europa en 65 daarbuiten. Daar staan in 2025 231 exchangestudenten tegenover, die door NHL Stenden zijn ontvangen. Deze studenten studeerden een semester op één van onze locaties in Nederland.

Thema 8 - Bekostiging van maatwerktrajecten

Omschrijving
Instellingen ontwikkelen maatwerktrajecten waarbij een derde - een externe organisatie of bedrijf - een bijdrage betaalt voor het op maat snijden van een bestaande opleiding.

Verantwoording
Alle maatwerktrajecten waarover wordt gerapporteerd, betreffen reguliere opleidingen, waarbij NHL Stenden aanvullende inspanningen verricht tegen geëxpliciteerde meerkosten voor rekening van de vragen de partij. In geen van deze trajecten is sprake van ingrepen in het reguliere publiek opleidingsprogramma, noch in de inhoud, noch in de omvang.

NHL Stenden biedt de maatwerktrajecten aan onder voorwaarden conform de notitie ‘Helderheid’. Zo wordt er gewerkt met een contract, waarin de bedrijfsvraag en de inspanningen van NHL Stenden worden geëxpliciteerd, als ook de meerkosten voor het bedrijf van de aanvullingen op het reguliere programma. Vanzelfsprekend is het bedrijf ook geïnformeerd over alle randvoorwaarden die publieke bekostiging en CROHO-registratie betreffen.

Daarnaast volgen studenten ten minste twee derde van de opleiding in het kader van deze maatwerktrajecten op een locatie van NHL Stenden, conform de ‘Beleidsregel doelmatigheid hoger onderwijs’. De (hoofd)vestigingsplaats van de genoemde bedrijven waarmee NHL Stenden een maatwerktraject is overeengekomen, is nadrukkelijk niet de vanzelfsprekende locatie waar (een deel van) de betreffende opleiding plaats heeft gevonden in 2025. Voor het overige betreft het in alle genoemde gevallen een reguliere opleiding, die ook werd en wordt aangeboden aan (andere) studenten die aan de normale toelatingseisen voldoen. Het overzicht van de maatwerkcontracten per 1 september 2025 ziet er als volgt uit

Bachelor en Associate Degree Ondernemerschap & Retail Management
Aanbieder: NHL Stenden Hogeschool, Academie Media, Commercie & Ondernemerschap, maatwerktraject voor (aantal studenten):

  • Albert Heijn (151);
  • Plusretail (51);
  • Hoogvliet (11);
  • Vomar (8).
  • Deka (14)