Spring naar inhoud

Financieel jaarverslag

Snack-stress - “De moeilijkste beslissing hier? Zoete of zoute popcorn.”

12.1 Inleiding financieel jaarverslag

De verkorte financiële overzichten in dit hoofdstuk zijn ontleend aan de gecontroleerde jaarrekening van Stichting NHL Stenden Hogeschool per 31 december 2024. De jaarrekening is opgesteld conform de richtlijnen van de Regeling Jaarverslaggeving Onderwijs (RJO), de richtlijn 660 van de Raad voor de Jaarverslaggeving en overeenkomstig de verslaggevingsvoorschriften en bepalingen zoals weergegeven in Titel 9 van boek 2 van het Burgerlijk Wetboek.

De verkorte financiële overzichten bevatten niet alle toelichtingen die zijn vereist op basis van de hierboven genoemde richtlijnen en verslaggevingsvoorschriften. Voor een uitgebreide uiteenzetting van de grondslagen en de volledige toelichtingen verwijzen we naar de geconsolideerde jaarrekening 2024 van de Stichting NHL Stenden Hogeschool.

12.2 Kengetallen

Om te monitoren of de financiële positie van onze hogeschool gezond is, gebruiken we enkele financiële kengetallen. De positie eind 2024 van deze kengetallen lichten we hieronder toe.

Liquiditeit

De liquiditeit geeft de mate aan waarin onze hogeschool in staat is op korte termijn aan haar verplichtingen te voldoen.

Liquiditeit 2024 2023
     
Current ratio    
Vlottende activa / kortlopende schulden  0,92   0,86 
     
Quick ratio    
(Vlottende activa - voorraden) / kortlopende schulden 0,92 0,86

De liquiditeitsratio’s zijn toegenomen ten opzichte van de stand per eind 2023. De toename in de liquiditeitsratio’s wordt voornamelijk veroorzaakt door het gerealiseerde resultaat. De liquiditeitratio's ultimo 2024 zijn hoger dan de signaleringswaarde van 0,50 die door de Inspectie van het Onderwijs is gesteld. Naast de aanwezige liquide middelen beschikt NHL Stenden over de mogelijkheid om bij het ministerie van Financiën krediet in rekening courant op te nemen ten bedrage van € 15,0 miljoen (2023: € 15,0 miljoen). Verder heeft de Stichting NHL Stenden Hogeschool de beschikking over een intraday kredietfaciliteit ter hoogte van € 23,9 miljoen.

Solvabiliteit

De solvabiliteit geeft de mate aan waarin onze hogeschool in staat is op langere termijn aan haar verplichtingen te voldoen.

Solvabiliteit 2024 2023
     
Solvabiliteit    
(Eigen vermogen + voorzieningen) / balanstotaal 0,48 0,46

De solvabiliteitratio is in lichte mate toegenomen ten opzichte van eind 2023. Dit wordt veroorzaakt door de toevoeging van het positieve resultaat aan het eigen vermogen. De solvabiliteitratio's ligt boven de signaleringswaarde van 0,30 die door de Inspectie van het Onderwijs is gesteld.

Signaleringswaarde bovenmatig publiek eigen vermogen

Het publiek eigen vermogen geeft de hoeveelheid eigen vermogen weer die een onderwijsinstelling redelijkerwijs nodig heeft voor een gezonde bedrijfsvoering.

Bovenmatig eigen vermogen (x 1.000) 2024 2023
     
Publiek eigen vermogen  92.018   87.814 
Ratio 0,49 0,51

Het publieke eigen vermogen is licht toegenomen ten opzichte van eind 2023. Deze toename wordt veroorzaakt door de toevoeging van het publieke resultaat gerealiseerd in 2023 (€ 4,3 miljoen). Het publiek eigen vermogen per 31 december 2024 blijft ruim onder de norm van € 186,7 miljoen. 

12.3 Financiële positie

Geconsolideerde balans per 31 december 2024 (x €1.000)

Activa   31 december 2024     31 december 2023
Vaste activa          
Materiële vaste activa          
Bedrijfsgebouwen en terreinen 122.595     122.306  
Inventaris en apparatuur 42.232     44.440  
Egalisatierekening -5.141     -5.354  
    159.686     161.392
Financiële vaste activa          
Andere deelnemingen 184     184  
Overige langlopende vorderingen 110     15  
    294     199
Totaal vaste activa   159.980     161.591
           
Voorraden   106     106
           
Vorderingen          
Debiteuren 1.835     3.020  
Belastingen en premies sociale verzekeringen 152     142  
Overige kortlopende vorderingen en overlopende activa 12.513     11.139  
    14.500     14.301
Liquide middelen   64.780     56.905
Totaal vlottende activa   79.386     71.312
Totaal activa   239.366     232.903
           
Passiva   31 december 2024     31 december 2023
Eigen vermogen   95.192     90.930
           
Voorzieningen          
Personeelsvoorzieningen   19.644     16.874
           
Langlopende schulden          
Schulden aan kredietinstellingen   38.588     42.386
           
Kortlopende schulden          
Kredietinstellingen 3.797     4.110  
Crediteuren 6.698     7.544  
Belastingen en sociale voorzieningen 10.527     10.409  
Schulden terzake van pensioenen 2.814     2.618  
Overige schulden en overlopende passiva 62.106     58.032  
    85.942     82.713
Totaal passiva   239.366     232.903
           

Toelichting ontwikkeling balans 
Het balanstotaal neemt ten opzichte van 2023 toe. Hieronder volgt een puntsgewijze opsomming van de ontwikkelingen die invloed hadden op deze stijging:

  • De materiële vaste activa zijn € 1,7 miljoen in waarde afgenomen als gevolg van de afschrijvingslast van € 14,2 miljoen en de (des)investeringen van € 12,5 miljoen. De gerealiseerde investeringen zijn € 1,4 miljoen lager in vergelijking met het begrote investeringsbedrag (€ 13,9 miljoen). De gerealiseerde investeringen bestaan voornamelijk uit reguliere vervangingsinvesteringen en duurzaamheidsinvesteringen. 
  • De vorderingen zijn in totaal € 0,2 miljoen toegenomen. Deze toename wordt voornamelijk veroorzaakt door een toename van de overlopende post projecten.
  • De liquide middelen zijn per balansdatum toegenomen met € 7,9 miljoen. Deze toename wordt hoofdzakelijk veroorzaakt door het positieve resultaat. Voor een uitgebreide toelichting zie het kasstroomoverzicht zoals deze is opgenomen in de geconsolideerde jaarrekening.
  • Het eigen vermogen is toegenomen als gevolg van de toevoeging van het geconsolideerde resultaat 2024 van € 4,3 miljoen. Dit resultaat bestaat uit € 4,4 miljoen positief publiek resultaat en € 0,1 miljoen negatief privaat resultaat.
  • De stijging van de voorzieningen (€ 2,8 miljoen) wordt met name veroorzaakt door een toename van de voorziening werktijdvermindering senioren als gevolg van een hoger aantal (potentiële) deelnemers, een daling van de rente en een toename van de salarissen.
  • De langlopende schulden zijn afgenomen met € 3,8 miljoen. Dit wordt veroorzaakt door de reguliere aflossing op de lopende leningen.
  • De kortlopende schulden zijn toegenomen met € 3,2 miljoen. Deze toename wordt onder andere veroorzaakt door het stijgen van de voorontvangen collegegelden in verband met de stijging van het collegegeld in studiejaar 2024 - 2025 (+9,25%) en het afschaffen van de halvering van het collegegeld voor de eerste instroom in het HBO en daarnaast specifiek ook voor de studenten in het 2e jaar van een lerarenopleiding.

12.4 Financieel resultaat

Geconsolideerde staat van baten en lasten 2024 (x €1.000)

  2024   Begroting 2024   2023
Baten          
Rijksbijdragen 210.817   208.541   211.678
Overheidsbijdragen / subsidies overige overheden 11.283   9.937   9.153
(Wettelijke) college-, cursus-, les- en examengelden 53.578   53.813   50.020
Baten werk in opdracht van derden 10.884   10.121   9.360
Overige baten 7.400   5.385   7.173
Totaal baten 293.962   287.797   287.384
           
Lasten          
Personeelslasten 222.009   216.706   210.981
Afschrijvingen 14.235   14.534   13.910
Huisvestingslasten 12.812   11.338   13.299
Overige lasten 42.267   45.950   42.871
Totaal lasten 291.323   288.528   281.061
           
Saldo baten en lasten 2.639   -731   6.323
Financiële baten en lasten 1.600   731   944
           
Resultaat uit gewone bedrijfsuitoefening voor belastingen 4.239    -    7.267
Belastingen 12    -    12
Resultaat uit deelnemingen  -     -    0
           
Resultaat na belastingen 4.251    -    7.279

Toelichting ontwikkeling financieel resultaat

Het resultaat over 2024 bedraagt € 4,3 miljoen positief en is daarmee € 4,3 miljoen hoger dan begroot. Dit resultaat bestaat conform de jaarrekening voor € 4,4 miljoen positief uit resultaat publieke gelden en voor € 0,1 miljoen negatief uit resultaat private gelden. In onderstaande toelichting worden de in 2024 gerealiseerde cijfers afgezet tegen de begroting. Een toelichting van de gerealiseerde cijfers 2024 ten opzichte van de gerealiseerde cijfers 2023 is opgenomen in de jaarrekening.

Toelichting baten

  • In de jaarbegroting 2024 is uitgegaan van een bedrag aan rijksbijdragen van € 208,5 miljoen. De realisatie is uitgekomen op € 210,8 miljoen en is daarmee € 2,3 miljoen hoger dan begroot. Het ministerie van OCW heeft naar aanleiding van de CAO stijgingen extra middelen toegekend als loon- en prijscompensatie (+ € 3,0 miljoen) en daarbij voor doeltoewijzigingen € 0,2 miljoen extra toegekend. Gedurende 2024 is er ten aanzien van de krimpgelden is € 0,9 miljoen ontvangen. Gedurende 2023 en 2024 is er totaal voor €7,6 miljoen aan financiële middelen voor vitale opleidingen in krimpregio’s (hierna krimpgelden) ontvangen. Hiervan is € 0,7 miljoen besteed in 2024. De krimpgelden zijn als ‘niet-normatief’ bestempeld. Het niet bestede deel van de krimpgelden zijn op de balans opgenomen en dienen gedurende de boekjaren 2025 en 2026 te worden besteed. Daarnaast is er gedurende 2024 € 3,1 miljoen van de op de balans opgenomen NPO middelen besteed, de NPO middelen zijn hiermee volledig uitgenut.
  • De gerealiseerde subsidiebaten 2024 zijn € 1,4 miljoen hoger dan begroot. Deze toename wordt onder andere veroorzaakt door het realiseren van extra subsidiebaten in verband met educatieve subsidieprojecten en projecten in relatie tot Greenwise Emmen. 
  • De baten uit college-, cursus- en examengelden liggen in lijn met begroting.
  • De baten werk in opdracht van derden zijn € 0,8 miljoen hoger dan begroot. Dit wordt met name veroorzaakt door hogere cursusgelden bij voornamelijk de academies primair onderwijs en educatie.
  • De overige baten zijn € 2,2 miljoen hoger dan begroot. Deze toename wordt veroorzaakt doordat er meer opbrengsten zijn gerealiseerd in verband externe detacheringen, Kies op Maat studenten, excursies en overige student gerelateerde opbrengsten.

Toelichting lasten

  • De personeelslasten zijn € 5,3 miljoen hoger dan begroot. De stijging van de gemiddelde personele last wordt enerzijds veroorzaakt als gevolg van de CAO stijgingen per 1 juli 2024 van 3% structureel en een eenmalige uitkering van € 485. Deze gestegen personele lasten zijn gecompenseerd in de rijksbijdrage. Anderszijds is er sprake van een hogere dotatie aan de voorziening werktijdvermindering senioren als gevolg van een toename van het aantal (potentiële) deelnemers. Tenslotte is de beoogde daling in formatie nog niet gerealiseerd zoals begroot.
  • De gerealiseerde afschrijvingslasten van € 14,2 miljoen liggen in lijn met de begrote afschrijvingslasten.
  • De huisvestingslasten zijn € 1,7 miljoen hoger dan begroot. In de begroting 2024 was een taakstelling opgenomen die beperkt is gerealiseerd.
  • De overige lasten zijn €3,7 miljoen lager dan de begrote overige lasten. In de begroting 2024 zijn middelen gereserveerd die in beperkte mate zijn gerealiseerd.
  • De financiële baten en lasten zijn € 0,9 miljoen hoger dan begroot. Deze toename wordt veroorzaakt door de gestegen rente waardoor er een hogere rentevergoeding is ontvangen over de liquide middelen. De gerealiseerde rentelasten voor langlopende leningen zijn in de lijn met de begroting.

12.5 Treasury

De hogeschool conformeert zich aan de Regeling beleggen, lenen en derivaten OCW 2016. In 2023 heeft NHL Stenden haar treasurystatuut bijgewerkt op basis van de laatste wet- en regelgeving en inzichten. Het bijgewerkte treasurystatuut is door de Raad van Toezicht goedgekeurd. Gedurende 2024 is er conform het goedgekeurde beleid gehandeld: NHL Stenden heeft een strategie van niet speculeren, waarbij wordt uitgegaan van schatkistbankieren en het beleggen en belenen van middelen hoofdzakelijk bij het ministerie van Financiën. Ook voor het valutabeleid kiest de hogeschool voor prudent en eenvoudig beleid (geen complexe instrumenten), gericht op minimalisatie van de (koers)risico’s. De hogeschool had geen beleggingen en maakt geen gebruik van derivaten. Een overzicht van de aanwezige leningen is in de onderstaande tabel opgenomen. Gedurende 2024 is er een nieuwe lening uitgegeven aan studentenvereniging IO Vivat. De lening betreft € 0,1 miljoen met een looptijd van 10 jaar en een rente van 3%. De betreffende lening is verstrekt in verband met verduurzaming aan het pand van IO Vivat.

Leningen ontvangen gelden (O/G)

Entiteit Omschrijving Soort lening zekerheden Start-datum Einddatum Rente percentage Openstaand bedrag 2024 (x € 1.000) Openstaand bedrag 2023 (x € 1.000)
NHL Stenden enkelvoudig Lening Ministerie van Financiën 1583 Hypothecair 23-12-2009 23-03-2037 0,77%  3.472   3.761 
NHL Stenden enkelvoudig Lening Ministerie van Financiën 1476 Hypothecair 31-08-2009 31-08-2029 3,75%  700   875 
NHL Stenden enkelvoudig Lening Ministerie van Financiën 0600 Hypothecair 02-01-2007 02-01-2029 3,83%  3.750   5.000 
NHL Stenden enkelvoudig Lening Ministerie van Financiën 1219 Hypothecair 01-08-2008 02-01-2030 4,61%  3.000   3.750 
NHL Stenden enkelvoudig Lening Ministerie van Financiën 3008 Hypothecair 18-05-2018 18-05-2048 1,02%  19.167   20.000 
NHL Stenden enkelvoudig Lening Ministerie van Financiën 3763 Hypothecair 19-04-2022 15-04-2042 0,63%  8.500   9.000 
Totaal  38.589   42.386 
               

Leningen uitgegeven gelden (U/G)

Entiteit Omschrijving Soort lening zekerheden Start-datum Einddatum Rente percentage Openstaand bedrag 2024 (x € 1.000) Openstaand bedrag 2023 (x € 1.000)
Wyswert Beheer BV Lening IO Vivat 2015 Geldlening zonder zekerheden 01-07-2015 01-07-2025 1,00%  2   2 
Wyswert Beheer BV Lening IO Vivat 2019 Geldlening zonder zekerheden 26-07-2019 26-07-2029 1,00%  8   4 
Wyswert Beheer BV Lening IO Vivat 2024 Geldlening zonder zekerheden 14-06-2024 01-07-2034 3,00%  100   - 
NHL Stenden enkelvoudig Lening BKL Geldlening zonder zekerheden Nvt Nvt Geen  1.500   2.040 
Totaal  1.610   2.046 

12.6 Continuïteitsparagraaf

Algemeen

Het meerjarenperspectief voor de boekjaren 2026-2029 is opgesteld aan de hand van de realisatie 2024, de begroting 2025, de huidige studentenaantallen, de verwachte ontwikkeling van het markt­aandeel op basis van de referentieramingen 2024 en de actuele CBS-cijfers. In het meerjarenperspectief is ervoor gekozen om de krimp van studentenaantallen en lagere profielprijs per student te koppelen aan het verminderen van de personele lasten. Er zijn echter meer mogelijkheden om de gewenste ratio’s te behalen. Gedurende 2025 wordt er ingezet op plannen om de personele daling te beperken. Voorbeelden hiervan zijn:

  • In 2025 wordt het strategisch huisvestingsplan voor de huisvesting en locaties van de hogeschool richting 2035, waarbij ingezet zal worden op centralisatie en het terugbrengen van het aantal locaties;
  • Kritisch kijken naar de samenwerkingsverbanden en de financiële inbreng van NHL Stenden hierin;
  • Er wordt ingezet op meer participatie in grotere subsidieprojecten en de groei van Leven Lang Ontwikkelen.

Student en FTE aantallen (Gegevensset A1)

  Realisatie 2024 Begroting 2025 Prognose 2026 Prognose 2027 Prognose 2028 Prognose 2029
Studenten            
Aantal studenten per 1 oktober 22.736 22.059 21.572 21.230 21.022 20.850
Personele bezetting            
Bestuur / management (fte) 24  26   26   26   26   26 
Personeel primair proces (fte) 1.304  1.276   1.180   1.122   1.066   1.052 
Ondersteunend personeel (fte) 802  750   676   633   600   592 
Totale personele bezetting (fte) 2.130 2.052 1.882 1.781 1.692 1.670
             
Ratio's            
Student / FTE ratio  10,67   10,75   11,46   11,92   12,42   12,49 
OP / OBP ratio  1,58   1,64   1,68   1,70   1,70   1,70 

Studentaantallen

Uit bovenstaande overzicht blijkt dat het aantal studenten bij onze hogeschool naar verwachting gaat dalen. Deze daling is gebaseerd op de referentieramingen van het ministerie van OCW en de voor NHL Stenden relevante demografische ontwikkelingen (op basis van de meest actuele CBS cijfers). 

Personele bezetting

Het aantal FTE’s bij NHL Stenden zal de komende jaren moeten dalen om een financieel gezonde hogeschool te blijven. De benodigde daling in fte’s is het gevolg van de daling van het aantal studenten, een lagere onderwijsbekostiging in het financiële macrokader en het aflopen van de tijdelijke middelen (NPO-middelen en Krimpgelden). Het gevolg hiervan is dat de student / FTE ratio tot en met 2029 zal stijgen tot een niveau van voor corona. Daarnaast wordt er de komende jaren ingezet op het verbeteren van de OP/OBP ratio om per 2027 een ratio van 1,70 te bereiken (in lijn met de uitkomsten van de Berenschot benchmark).

Meerjarenbalans

De balans geeft inzicht in de ontwikkeling van de bezittingen, schulden en het vermogen. In de meerjarenbalans wordt verondersteld dat de liquiditeiten gelijk zijn aan de gerealiseerde baten en lasten. Uitzonderingen hierop zijn de mutaties in de voorzieningen en de investeringen / afschrijvingen. Tevens is er sprake van niet-normatief toegekende rijksbijdragen deze zijn gedeeltelijk op de balans opgenomen en vallen vrij tot en met boekjaar 2027. Zie ook onderstaande tabel.

Verloopoverzicht van de balanspositie inzake NPO en Krimpgelden

(bedragen x € 1.000) 2022 2023 2024 2025 2026 2027
Niet normatieve NPO (ontvangsten)  8.211   -   -   -   -   - 
NPO verantwoording (kosten)  222   4.854   3.135   -   -   - 
Balanspositie  7.989   3.135   -   -   -   - 
             
Niet normatieve krimpgelden (ontvangsten)  -   6.712   911   -   -   - 
Krimpgeld verantwoording (kosten)  -   -   703   2.786   2.067   2.067 
Balanspositie  -   6.712   6.920   4.134   2.067   - 
             
Balanspositie totaal  7.989   9.847   6.920   4.134   2.067   - 

Meerjarenbalans (gegevensset A3)

Geconsolideerde balans (x € 1.000)

  Realisatie 2024 Begroting 2025 Prognose 2026 Prognose 2027 Prognose 2028 Prognose 2029
             
Materiële vaste activa  159.686   158.408   156.666   154.875   152.696   150.167 
Financiële vaste activa  294   294   294   294   294   294 
Totaal vaste activa  159.980   158.702   156.960   155.169   152.990   150.461 
             
Voorraden  106   106   106   106   106   106 
Vorderingen  14.500   15.050   15.050   15.050   15.050   15.050 
Totaal vlottende activa  14.606   15.156   15.156   15.156   15.156   15.156 
             
Liquide middelen  64.780   61.401   57.577   53.803   53.435   54.342 
             
TOTAAL ACTIVA  239.366   235.259   229.693   224.128   221.581   219.959 
             
Algemene reserve  95.192   97.192   97.192   97.192   97.192   97.192 
Bestemmingsreserve - - - - - -
Overige reserves en fondsen - - - - - -
Eigen vermogen  95.192   97.192   97.192   97.192   97.192   97.192 
             
Voorzieningen  19.644   19.644   19.644   19.644   19.644   19.644 
Langlopende schulden  38.588   34.792   30.995   28.448   26.826   25.204 
Kortlopende schulden  85.942   83.631   81.862   78.844   77.919   77.919 
             
TOTAAL PASSIVA  239.366   235.259   229.693   224.128   221.581   219.959 

Materiële vaste activa

In de meerjarenbegroting is rekening gehouden met de investeringsbegroting. De gespecificeerde investeringsbegroting ziet er als volgt uit:

Investeringsbegroting

  2025 2026 2027 2028 2029
           
Vastgoed  11.000   9.000   9.000   9.000   9.000 
IT  1.600   2.700   2.700   2.700   2.700 
Onderwijs en Onderzoek  1.100   940   1.000   1.000   1.000 
Overig  250   300   300   300   300 
Totaal  13.950   12.940   13.000   13.000   13.000 

De investeringen  worden gefinancierd doormiddel van de reguliere kasstromen van NHL Stenden.

Financiële vaste activa

Onder de financiële vaste activa is een deelneming in Coöperatie Maritiem Academie Holland U.A. opgenomen. Daarnaast zijn er drie leningen u/g opgenomen. Op deze leningen vindt jaarlijks een minimale aflossing plaats. De verwachting is dat de resultaten uit de deelneming het effect van de aflossingen op de lening compenseren waardoor de stand van de financiële vaste activa de komende jaren gelijk blijft.

Vlottende activa

In de meerjarenbalans is verondersteld dat de vlottende activa per saldo nagenoeg gelijk zullen blijven. 

Liquide middelen

De liquide middelen zijn een resultante van het cashflow overzicht. In 2025 t/m 2028 is er ondanks de nulresultaten een daling te zien in de liquiditeiten. Deze daling is onder andere het gevolg van de vooruitontvangen krimpgelden, investeringen en aflossingen op de langlopende leningen.

Eigen vermogen

Het resultaat voor 2024 bedraagt € 4,3 miljoen positief. Dit resultaat is toegevoegd aan het eigen vermogen. In 2025 neemt het eigen vermogen toe met het begrote resultaat van € 2,0 mln. tot € 97,2 mln. Vanaf 2025 blijft het eigen vermogen gelijk als gevolg van de begrote nulresultaten.

Voorzieningen

NHL Stenden verwacht dat vanaf 2025 de dotaties en onttrekkingen per saldo in evenwicht zijn.

Langlopende schulden

In 2025 en 2026 zal jaarlijks € 3,8 mln. worden afgelost op de langlopende schulden. In 2027 (aflossing € 2,5 mln.) en 2028 (aflossing € 1,6 mln.) daalt de jaarlijkse aflossing omdat een aantal van de langlopende leningen dan volledig zijn afgelost. We zien dan ook dat het saldo langlopende schulden afneemt tot € 25,2 mln. per eind 2029.

Kortlopende schulden

De kortlopende schulden laten tot en met 2028 een daling zien. Deze daling wordt veroorzaakt door de vrijval van de doorgeschoven krimpgelden en als gevolg van het afnemen van de aflossingsverplichting in verband met het volledig aflossen van een aantal langlopende schulden. Vanaf 2028 blijft de kortlopende schuld stabiel.

Meerjaren resultatenrekening (gegevensset A2)

Geconsolideerde resultatenrekening (x € 1.000)

  Realisatie 2024 Begroting 2025 Prognose 2026 Prognose 2027 Prognose 2028 Prognose 2029
             
Rijksbijdragen 210.817 209.430 196.657 189.322 182.135 181.028
Overige overheidsbijdragen 11.283 12.723 12.723 12.723 12.723 12.723
College-, cursus-, les- en examengelden 53.578 59.361 59.134 58.017 57.273 56.782
Baten in opdracht van derden 10.884 11.129 11.129 11.129 11.129 11.129
Overige baten 7.400 5.984 5.984 5.984 5.984 5.984
             
Baten 293.962 298.627 285.626 277.175 269.244 267.646
             
Personele lasten 222.009 225.878 215.620 207.350 199.262 197.488
Afschrijvingslasten 14.235 15.243 14.763 14.877 15.265 15.616
Huisvestingslasten 12.812 12.142 12.142 12.142 12.142 12.142
Overige lasten 42.267 44.220 43.647 43.349 43.140 43.013
             
Lasten 291.323 297.483 286.172 277.719 269.810 268.259
             
Saldo baten en lasten 2.639 1.144 -545 -544 -566 -612
             
Financiële baten en lasten 1.600 856 545 544 566 612
             
Resultaat uit gewone bedrijfsuitoefeningen voor belasting 4.239  2.000   -   -   -   - 
             
Belastingen 12  -   -   -   -   - 
Resultaat buitenlandse deelnemingen  -   -   -   -   -   - 
             
Resultaat na belastingen 4.251  2.000   -   -   -   - 

Toelichting op de begroting

De begroting 2025 van NHL Stenden sluit conform de kaderbrief 2025 op € 2,0 mln.

De huisvestingslasten en overige lasten zijn in de begroting opgenomen op basis van het verwachte prijspeil 2025. De personele lasten zijn opgenomen op basis van uitgangspunten uit de CAO HBO 2024 – 2025.

De financiële middelen voor vitale opleidingen in krimpregio’s (hierna krimpgelden) zijn ontvangen in de rijksbijdragen van 2023 en 2024. Deze middelen zijn als ‘niet-normatief’ bestempeld. De betreffende middelen dienen gedurende de boekjaren 2025, 2026 en 2027 te worden besteed. Vanaf het jaar 2025 is er geen sprake meer van middelen vanuit de NPO en Kwaliteitsafspraken (KA zit vanaf 2025 in de reguliere bekostiging).

Toelichting baten

  • De rijksbijdragen voor 2025 daalt ten opzichte van de realisatie 2024, ondanks de toevoeging van de loonprijscompensatie en krimpgelden. Deze daling wordt veroorzaakt door een daling in de student­aantallen (t-2 systematiek) en een daling van de onderwijsbekostiging in het financiële macrokader. De rijksbijdrage voor 2025 is gebaseerd op de 1e rijksbijdrage brief van 2025 (€ 197,3 mln.), de vrijval van de op de balans opgenomen krimpgelden (€ 2,8 mln.), een voorschot op de loonprijscompensatie (€ 9,1 mln.) en de verwachte overige rijksbijdragen (€ 0,2 mln.).
  • De college-, cursus-, les- en examengelden zijn € 5,8 mln. hoger dan de realisatie 2024. Deze stijging wordt veroorzaakt door een stijging van het tarief van het collegegeld in studiejaar 2024 - 2025 (+9,25%) en studiejaar 2025 – 2026 (+2,75%) en het stoppen van de halvering van het collegegeld voor 1e jaar studenten. 
  • Op totaalniveau blijven de overige rijksbijdragen en subsidies, baten in opdracht van derden en overige baten in de begroting 2025 in lijn met de realisatie 2024. 

Toelichting lasten

  • De personele lasten nemen in de begroting 2025 met € 3,9 mln. toe ten opzichte van de realisatie 2024. Deze toename wordt met name veroorzaakt door de loonstijgingen die zijn vastgesteld in de cao-hbo 2024 – 2025. Een dempend effect hierop betreffen de lager begrote FTE aantallen voor 2025. Het begrote aantal FTE in 2025 daalt met 73 (67 PIL / 6 PNIL) ten opzichte van de realisatie 2024.
  • De begrote afschrijvingslast 2025 is hoger dan de gerealiseerde afschrijvingslast 2024 als gevolg van de geplande investeringen in 2025 (voor de investeringsbegroting, zie MVA) en een geplande desinvestering (boekverlies) van € 440k in verband met de verhuizing van de Pabo in Groningen. De afschrijvingen zijn begroot op basis van de huidige afschrijvingen en de investeringsbegroting 2025. Hierbij is per activum een inschatting gemaakt van het moment van ingebruikname.
  • De begrote huisvestingslasten in 2025 dalen met € 0,9 mln. ten opzichte van de realisatie 2024. Deze daling betreft een taakstelling die is opgenomen in de begroting.
  • Bij de overige lasten zien we een toename van € 1,9 mln. ten opzichte van de realisatie 2024. De toename ten opzichte van de prognose wordt voornamelijk veroorzaakt door de verwachte prijsstijgingen.
  • De begrote financiële baten en lasten in de begroting 2025 dalen met € 0,8 mln. ten opzichte van de realisatie 2024. Deze daling wordt veroorzaakt door de verwachting van een dalende rente.

Toelichting op de meerjaren-resultatenrekening

In het meerjarenperspectief (2026-2029) is geen rekening gehouden met loon- en prijsstijgingen. Het uitgangspunt is dat loon- en prijsstijgingen worden gecompenseerd in de rijksbijdragen.

Rijksbijdrage

De verwachting ten aanzien van de studentenaantallen van NHL Stenden betreft een daling voor de komende jaren. De verwachte daling is voor NHL Stenden sterker dan de landelijke verwachting doordat NHL Stenden in een krimpregio is gevestigd. Een gevolg hiervan is dat het marktaandeel op de lange termijn een dalende tendens heeft. Het dalende marktaandeel in combinatie met een dalend meerjarig financieel macrokader resulteert, ondanks de doorgeschoven krimp­gelden, voor een dalende rijksbijdrage in de komende jaren.

 NHL Stenden heeft krimpgelden toegewezen gekregen. De krimpgelden zijn gedurende 2023 (€ 6,7 mln.) en 2024 (€ 0,9 mln.) ontvangen middels de rijksbijdrage. Gedurende 2024 is hiervan € 0,7 mln. besteedt. Het niet bestede deel van de krimpgelden wordt doorgeschoven naar 2025 (€ 2,8 mln.), 2026 (€ 2,1 mln.) en 2027 (€ 2,1 mln.) Voorgaande mutaties zijn verwerkt in rijksbijdrage.

Collegegelden

De collegegelden laten in 2025 een stijging zien als gevolg van het afschaffen van de halvering van het collegegeld voor de eerste instroom in het hbo en daarnaast voor de studenten in het 2e jaar van een lerarenopleiding. Daarnaast is er sprake van stijging van het collegegeld tarief in studiejaar 2024 – 2025 (+9,25%) en studiejaar 2025 – 2026 (+2,75%). Vanaf 2025 dalen de collegegelden voor NHL Stenden als gevolg van de dalende studentenaantallen.

Baten niet gerelateerd aan studentenaantallen (Subsidiebaten, baten in opdracht van derden en overige baten)

De subsidiebaten, baten in opdracht van derden en overige baten zijn voor de prognose 2026 t/m 2029 conform de begroting 2025 opgenomen.

Personeelslasten

De personele lasten laten een daling zien gedurende de periode 2026 t/m 2029. Deze daling wordt veroorzaakt door:

  1. De studentenaantallen van NHL Stenden dalen, wat resulteert in een lagere benodigde bezetting.
  2. Er zijn de afgelopen jaren tijdelijke extra middelen ontvangen (NPO en Krimpgelden). Deze middelen worden ingezet tot en met 2027. Na 2027 zijn deze tijdelijke middelen niet meer aanwezig.
  3. Er is sprake van een daling van de onderwijsbekostiging per student dit betekent dat er minder financiële middelen door het rijks per bekostigde student beschikbaar worden gesteld. Hierdoor kan er de komende jaren minder personeel worden ingezet.

Afschrijvingslasten

De begrote afschrijvingslasten zijn gerelateerd aan de meerjareninvesteringsbegroting.

Huisvestingslasten

De huisvestingslasten 2026 t/m 2029 zijn stabiel gehouden en conform de begrote huisvestingslasten 2025.

Overige lasten

De overige lasten 2026 t/m 2029 zijn stabiel gehouden en liggen in lijn met de begrote overige lasten 2025.

Financiële lasten

De financiële lasten dalen de komende jaren als gevolg van de reguliere aflossingen op de langlopende schulden. Daartegenover staan financiële (rente) baten als gevolg van te ontvangen rente op openstaande saldi bij het ministerie van OCW. De verwachting ten aanzien van de rentebaten betreft een verdere daling in de komende jaren als gevolg van de dalende rente. De gesaldeerde post financiële baten en lasten laat hierdoor in 2026 een daling zien, de jaren erna stabiliseert deze op de stand van 2026.

12.7 Risicoparagraaf

B1. Rapportage bestaan en werking intern risicobeheersingssysteem

Risicohouding
De risicohouding van de hogeschool is, als maatschappelijke organisatie, te kwalificeren als risicoavers. Dit betekent dat (grote) risico’s niet willens en wetens actief worden opgezocht. Risicoavers betekent overigens niet dat NHL Stenden geen enkel risico loopt of dat risico’s nooit bewust worden gelopen. We gaan echter voorzichtig om met de ons ter beschikking gestelde publieke middelen en we maken inzichtelijk welke risico’s we lopen. Dit gebeurt veelal door middel van periodieke informatievoorziening en besluitvorming.

De medewerkers hebben een grote verantwoordelijkheid voor het dagelijks maken van de juiste afwegingen. Het bestuur onderkent dat medewerkers dit alleen succesvol kunnen doen als risicomanagement niet een doel op zich is, maar een gedachtegoed waarmee het mogelijk wordt om expliciet nog meer inzicht en bewustzijn te creëren in de mate waarin de gestelde doelstellingen voor onze studenten, de beroepspraktijk en de maatschappelijke omgeving worden gerealiseerd.

Risicobeheersingssysteem
Op basis van de notitie risicomanagement heeft het College van Bestuur vastgesteld dat risicobeheersing integraal en expliciet ingepast wordt in de bestaande planning- en controlcyclus. Dit betekent dat risico’s breed in de organisatie benoemd en geadresseerd worden. Periodiek worden, in samenspraak met de Raad van Toezicht, de bestaande strategische risicoanalyse door het College van Bestuur en de directeuren geactualiseerd op basis van de gestelde doelen in het strategisch instellingsplan. Dit heeft recent op 25 maart 2025 plaatsgevonden.

Jaarlijks worden op basis van een format risicokaart, die onderdeel is van het rapportageformat, de risicoparagrafen van de jaarplannen van academies en de diensten opgenomen en besproken met het College van Bestuur. Op deze manier beheersen we de strategische risico’s die zijn geïdentificeerd via de reguliere planning- en controlcyclus. Dit op basis van de vastgestelde kaderbrief, de daaraan gerelateerde jaarplannen van de organisatieonderdelen, periodieke informatievoorziening en periodieke R-gesprekken tussen het management van de organisatieonderdelen en het College van Bestuur.

De operationele risico’s en beheersingsmaatregelen zijn verankerd in de operationele processen. 

B2. Beschrijving van de belangrijkste risico’s en onzekerheden
Op basis van de bijgestelde strategische risicokaart per maart 2025 zullen we de risico’s met de hoogste bruto-kans en impact tezamen met de daaraan gekoppelde beheersmaatregelen weergeven. De risico’s staan in relatie met de doelstellingen. Hierin worden ook risico’s als compliance, privacy en financiële risico’s meegenomen. Er zijn geen risico’s en onzekerheden die in het boekjaar 2024 een belangrijke impact op de entiteit hebben gehad. 

Strategische risico's
Conform het strategisch instellingsplan is het uiteindelijke doel van NHL Stenden de hoogst mogelijke kwaliteit in onderwijs, onderzoek en voorzieningen te bieden aan de studenten, aan docenten, aan de beroepspraktijk en de maatschappelijke omgeving. Deze is in de strategische risicokaart onderverdeeld naar:

  • De hoogst mogelijke kwaliteit van onderwijs en onderzoek bieden op basis van ons unieke profiel, zijnde DBE, zwaartepunten en geïnternationaliseerde hogeschool.
  • De hoogst mogelijke kwaliteit van voorzieningen bieden.
  • De kwaliteit van onze medewerkers en organisatie optimaliseren.

De onderkende risico’s volgens de geactualiseerde strategische risicokaart zijn als volgt:

  • Door de verwachte krimp in het aantal studenten kan de hogeschool de gestelde doelen niet realiseren omdat er minder middelen beschikbaar komen. Beheersmaatregelen om dit risico te verzachten, zijn het voeren van portfoliodiscussie en het opstellen van een portfolioanalyse. Aan de hand hiervan kunnen we scenario's schetsen en keuzes maken in het portfolio. De verwachte krimp in studentenaantallen zal hierbij elders opvangen moeten worden door middel van flexibel onderwijs en afstandsonderwijs, internationalisering en commerciële en publieke activiteiten.
  • De continuïteit van ons onderwijs wordt bedreigd door een cyberaanval. Als beheersmaatregel investeert NHL Stenden in de volwassenheid van de security organisatie. Met behulp van het informatiebeveiligingsbeleid willen we onze security organisatie voor 10 systemen op CMM niveau 3 brengen en daar houden. Daarnaast wordt ingezet op awareness op houding en gedrag van de medewerkers en studenten.
  • We kunnen onvoldoende gekwalificeerde medewerkers vinden als gevolg van de arbeidsmarktkrapte. Beheersmaatregelen zijn het stimuleren van een uitdagende werkomgeving. Daarnaast het profileren van excellent werkgeverschap richting de arbeidsmarkt. Ten slotte is de samenwerking met partners een beheersmaatregel.
  • De huidige leiderschapscompetenties sluiten niet aan bij wat er gevraagd wordt om het strategisch instellingsplan te realiseren. Beheersmaatregelen zijn professionalisering van het personeel en sturen op strategische personeelsplanning, duurzame inzetbaarheid en excellent werkgeverschap.
  • De keuze om via het zwaartepunt brede welvaart agenda zettend te worden wordt onvoldoende gerealiseerd. De herkenbaarheid en inhoud scherp maken is een van de beheersmaatregelen. Dit zowel intern als naar de buitenwereld. Daarnaast keuzes maken op basis van het beleid.
  • Er komen minder internationale studenten waardoor onze bedrijfsvoering en continuïteit in het geding zijn. Beheersmaatregelen zijn het versterken van de (internationale) werving en het voeren van regionale portefeuillediscussie. Daarnaast het versterken van onze eigen portefeuillestrategie en locatiestrategie.
  • De (ver)bouwinitiatieven en mogelijk ook de exploitatiekosten van sommige gebouwen zijn niet in verhouding tot het verwachte aantal studenten en daardoor de geldende norm in het onderwijs. De beheersmaatregel zit op het opnieuw beoordelen van de geplande initiatieven op het vlak van huisvesting en dit mogelijk herzien qua omvang en planning.
  • De bouwkosten, energieprijzen, inflatie en rente stijgen dusdanig waardoor er onvoldoende middelen beschikbaar komen om onze doelstellingen te realiseren. Als beheersmaatregel spelen we in op de ontwikkelingen hiervan en maken we op basis hiervan keuzes. Zelfs mogelijke verkoop. Daarnaast wordt er budget gereserveerd voor mogelijke stijging van de energieprijzen.
  • De bekostiging van het onderwijs en het onderzoek vanuit OCW is onvoldoende. Als beheersmaatregel zetten we in op het aanpassen van het curriculum op basis van de bekostiging en zullen er slimme keuzes gemaakt moeten worden.
  • De toenemende flexibilisering van het onderwijs heeft invloed op de onderwijsrendementen en de bekostiging. Alsmede op de inrichting van de systemen en vervaging van onze identiteit. Ter beheersing van dit risico differentiëren we naar domein en laten we daarbij verschil staan per domein.
  • De geopolitieke situatie heeft impact op de hogeschool. Polarisatie versterkt de noodzaak tot (interne) dialoog. Onze afnemende aantrekkelijkheid van het internationaal profiel vraagt om wendbaarheid. Alsook om sociaal demografische analyse van de instroom.
  • We voldoen niet aan de privacyregels, waarmee de continuïteit van de hogeschool in gevaar komt. We hebben een privacy-organisatie ingericht, met o.a. een privacy officer, functionaris gegevensbeheer en met DPC-ers (Data Protection Counselors) binnen de organisatieonderdelen. Daarnaast hebben we een awarenessprogramma. De verantwoordelijkheid ligt in de lijn waarbij de sturing naar de lijn moet worden versterkt.
  • De kwaliteit kunnen we niet op het gewenste niveau houden in verband met de afname van het personeelsaantal. Als beheersmaatregel zetten we in op professionalisering van het personeel, alsmede strategische personeelsplanning, duurzame inzetbaarheid en excellent werkgeverschap. De focus ligt op mobiliteit en employability.

De risico's volgens de bijgestelde risicokaart zijn als volgt opgenomen in de risk heat map.

NHL Stenden risk heat map 2024

B3. Rapportage toezichthoudend orgaan
Hier wordt verwezen naar het verslag van de Raad van Toezicht.

12.8 Verantwoording inzake notitie Helderheid bekostiging

De hogeschool rapporteert over de activiteiten in het kader van de voor de hogeschool relevante thema’s uit de notitie ‘Helderheid in de bekostiging van het hoger onderwijs’; OCW, 29 augustus 2003, ‘Aanvulling op de notitie ‘Helderheid in de bekostiging van het hoger onderwijs’; OCW, 27 augustus 2004 en de aanvulling op de beleidsregel ‘Investeren met publieke middelen in private activiteiten’; OCW, 21 april 2021. Conform de richtlijnen zijn we verplicht om over diverse thema's te rapporteren, welke onderstaand is weergegeven. Per thema is de omschrijving uit de notitie opgenomen en vervolgens is de verantwoording weergegeven.

Thema 1 - Uitbesteding

Onze hogeschool besteedde in het kader van de Grand Tour delen van het onderwijs uit aan de internationale Grand Tourlocaties. In 2024 namen 653 studenten deel aan de Grand Tour. In totaal volgden deze studenten 1026 modulen op één van de locaties. De locaties ontvingen daarvoor € 1,7 miljoen.

Om studenten van de Hotel Management School (Ad, bachelor en master) in het kader van Real World Learning een realistische leeromgeving aan te kunnen bieden, bestaat het leerbedrijf NHL Stenden Hospitality Group BV (NHG BV). NHG BV is een integraal onderdeel van het curriculum van de Hotel Management School en heeft een vestiging in Leeuwarden. MeetingU is het eventorganisatie bureau van NHG BV.

In 2023 participeerden eerste-, tweede- en derdejaars Hotel Management School studenten in dit leerbedrijf. NHG BV ontving € 2,6 miljoen voor het totale leerbedrijf en al het uitbestede onderwijs dat zij uitvoeren voor Hotel Management School en de eerste-, tweede- en derdejaars studenten. NHL Stenden verantwoordt zich hier over het uitbesteden van (delen van het) bekostigd onderwijs aan zowel niet als wel bekostigde instellingen, tegen betaling van de geleverde prestatie.

Daarnaast ontving NHL NHG BV vanuit stichting NHL Stenden € 1,8 miljoen voor het exploiteren van de Campus Catering en het organiseren van evenementen. 

Grand tour
NHL Stenden heeft in 2023 bachelor studenten in het kader van de Grand Tour in de gelegenheid gesteld één of twee modulen (maximaal een semester) te studeren aan één van de Grand Tour partnerlocaties van NHL Stenden.

Vanuit het profielkenmerk Internationalisering heeft NHL Stenden het Grand Tour-concept ontwikkeld, waarmee zij studenten de mogelijkheid biedt om één of twee periodes (maximaal een semester) te studeren aan één van de Grand Tour partnerlocaties van NHL Stenden. Het Grand Tour-concept biedt studenten de kans een unieke ervaring op te doen in het buitenland, met programma’s die worden verzorgd op een gelijk kwaliteitsniveau en die plaatsvinden in een veilige context. De Grand Tour staat in principe open voor studenten van alle opleidingen van alle vestigingen.


Overige vormen van samenwerking
Naast deze uitbestedingen werkt NHL Stenden op diverse punten samen met andere bekostigde instellingen, waarbij partijen hun aandeel inbrengen in een gemeenschappelijk product, zonder strikt genomen onderwijstaken uit te besteden in de zin van ‘Helderheid’ en ‘Aanvulling op Helderheid’. Onderstaande voorbeelden illustreren dit.

Academische Pabo (AOLB)
Deze opleiding, die in september 2010 in Groningen van start ging, is een samenwerkingsverband tussen de Rijksuniversiteit Groningen, de Hanzehogeschool Groningen en NHL Stenden. Genoemde instellingen bieden met deze opleiding studenten de mogelijkheid zowel de hbo-bachelor ‘Leraar Basisonderwijs’ als de WO-bachelor ‘Pedagogische Wetenschappen’ te behalen. Het betreft hier een samenwerkingsverband, waarin partijen hun aandeel in het onderwijs inbrengen en zelf uitvoeren. Formeel wordt er niets uitbesteed.

De opleidingen Life Sciences zijn een 8.1 WHW-samenwerking met hogeschool Van Hall Larenstein (locatie Leeuwarden). De Master Kunsteducatie (MKE) is een joint degree en wordt uitgevoerd in samenwerking met de Hanzehogeschool Groningen.

Investeren van publieke middelen in private activiteiten

Vanaf 15 april 2021 is de nieuwe beleidsregel ‘Investeren met publieke middelen in private activiteiten’ van kracht. De nieuwe beleidsregel verduidelijkt een aantal relevante begrippen en geeft toelichting over de voorwaarden waaronder het is toegestaan met publieke middelen te investeren in private activiteiten, inclusief de wijze van verantwoording. OCW heeft voor het verslagjaar 2024 een aantal versoepelingen opgenomen voor de verslaglegging en controle ingevoerd waaronder bijvoorbeeld valorisatie activiteiten en activiteiten vanuit Leven Lang Ontwikkelen (LLO).

Onderstaande is een omschrijving van de private activiteiten en het bijbehorende beleid weergegeven. De omschrijvingen zijn gebaseerd op basis van de beleidsregel ‘Investeren met publieke middelen in private activiteiten’  en documentatie zoals verstrekt door het ministerie van onderwijs en cultuur.

Algemeen
NHL Stenden ontplooit activiteiten op grond van, of gerelateerd aan de wettelijke taak op het gebied van onderwijs, onderzoek en valorisatie activiteiten die in lijn zijn met de strategische doelstellingen. Deze activiteiten worden niet bekostigd door de overheid, maar dragen een privaat karakter. Het gaat daarbij onder meer om contractonderwijs, contractonderzoek, een leerwerkbedrijf en detacheringen van personeel. De baten ten aanzien deze activiteiten zijn zichtbaar in de jaarrekening onder de posten ‘Werken voor derden’ en ‘Overige baten’.

Bij het aangaan van nieuwe activiteiten met een privaat karakter dient te worden vastgesteld dat de doelstelling van de activiteit in lijn is met de kernactiviteiten van de hogeschool, dan wel noodzakelijk, en dat de risico’s afdoende worden beheerst. De eerste toets ten aanzien van nieuwe activiteiten wordt uitgevoerd door de projectleider, vervolgens wordt de activiteit van advies voorzien door de werkgroep Publiek-Privaat. Deze werkgroep toetst de activiteit aan de hand van de beleidsregel ‘investeren met publieke middelen in private activiteiten’. Het uiteindelijke besluit ten aanzien van de uitvoeren van de activiteit wordt genomen door het College van Bestuur. 

NHL Stenden wil voorkomen dat voor deze activiteiten de rijksbijdrage en/of de collegegelden moeten worden ingezet, en heeft daarom een aantal maatregelen getroffen om dat te borgen. Om te voldoen aan de vereiste verantwoording op basis van de beleidsregel is een werkgroep publiek-privaat ingericht. Deze werkgroep heeft op basis van de financiële administratie een analyse gemaakt van de activiteiten en deze gecategoriseerd naar publieke en private activiteiten. Activiteiten die kenmerken van een private activiteit hebben worden in het jaarverslag verantwoord, die wordt bekrachtigd door de Raad van Toezicht en het College van Bestuur. 

Voor de rapporterende eenheden zijn informatiesessies georganiseerd over de kaders. Eén van de kaders is de integrale kostprijs. De IKS tarieven worden jaarlijks door een accountant vastgesteld op basis van nacalculatie. In de tarieven zijn indirecte kosten voor huisvesting en afschrijvingen opgenomen. De bijbehorende tarieven zijn kostendekkend. Voor private activiteiten worden de integrale kostprijzen inclusief risico-opslag gehanteerd. Binnen de academies wordt continue aandacht gevraagd voor het risico van ‘oneerlijke concurrentie’ door niet tegen een te laag tarief faciliteiten en/of diensten vanuit de hogeschool ter beschikking te stellen.

Naast het uitvoeren van analyse om te kunnen verantwoorden in het jaarverslag, worden ook gedurende het jaar analyses uitgevoerd ten aanzien van de private activiteiten. Hierbij wordt niet alleen gekeken naar de actuele stand, maar worden ook de mogelijke risico's inzichtelijk gemaakt en wordt een verwachting voor het gehele boekjaar opgesteld. De uitkomsten van deze analyses worden gedeeld het het College van Bestuur en de Raad van Toezicht in de reguliere rapportage momenten. 

Contractonderzoek en contractonderwijs
NHL Stenden hogeschool biedt naast de reguliere opleidingen ook de mogelijkheid aan om losse cursussen te volgen (contractonderwijs). Voor contractonderwijs geldt in veel gevallen dat we in eerste instantie de cursist in het reguliere onderwijs al hebben opgeleid (toen was hij/zij nog student), en in het cursorisch onderwijs zorgen wij ervoor dat de voormalige studenten bij blijven met de ontwikkelingen in het betreffende vakgebied. De cursisten die uit het werkveld komen, nemen ervaringen mee die ook weer in het bekostigde onderwijs kan worden gebruikt.

Voor contractonderzoek geldt dat dit deel uitmaakt van de zogenaamde ‘driehoek’ die we bij veel opleidingen zien. Dit is de driehoek tussen onderwijs, onderzoek en valorisatie. Het onderzoek wordt verricht door docenten die ook werkzaam zijn in het bekostigde onderwijs, de resultaten van het onderzoek worden vervolgens weer verwerkt/meegenomen in het onderwijs (valorisatie). Vaak gebeurt het ook dat studenten uit het onderwijs meewerken aan het onderzoek, wat ook aansluit bij het onderwijsconcept DBE. Het onderzoek levert dus meerwaarde op voor het bekostigde onderwijs. De medewerkers bij NHL Stenden die werkzaam zijn binnen het contractonderzoek en contractonderwijs hebben de titel docent - onderzoeker en zijn werkzaam in een mix tussen regulier onderwijs en contractonderwijs en onderzoek.

Om het contractonderzoek en -onderwijs te beheersen worden projecten geadministreerd in een projectadministratie.  De procedure is dat per activiteit een project wordt aangemaakt in de projectadministratie waarbij de kosten en opbrengsten worden geregistreerd. Ieder project heeft een projectleider. De projectleider wordt ondersteund door een projectcontroller en businesscontroller. De eindverantwoordelijkheid van het project ligt bij de directeur van de rapporterende eenheid die het project uitvoert. 

Gedurende 2024 is er voor € 7.441k (2023: € 6.294k) aan opbrengsten gerealiseerd vanuit het contractonderwijs en onderzoek. De geïnvesteerde publieke middelen betreffen € 5.375k (2023: € 4.971k). De opbrengsten zijn hoger als de bijbehorende kosten, er is daardoor sprake van een proportionele investering. 

NHL Stenden Hospitality Group BV
NHL Stenden heeft een leerwerkbedrijf, namelijk NHL Stenden Hospitality Group BV, hierna NHG BV. Het leerwerkbedrijf is opgericht om te voorzien in het praktijkonderwijs ten behoeve van de opleidingen van de Hotel Management School) en daarmee te voorzien in de wettelijke taak. Binnen het leerwerkbedrijf van NHL Stenden oefent de student relevante competenties door op een werkplek in de rol van werknemer realistische beroepstaken uit te voeren op hbo-niveau (meerwaarde voor de kwaliteit van de uitvoering van de wettelijke taak)

In de laatste brief van de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (brief d.d 13-01-2025) is opgenomen dat activiteiten in het kader van leerwerkbedrijven onder de beleidsregel blijven vallen. Voor NHG BV betekent dit dat het een private activiteit betreft. Wel is het beleid gewijzigd; het toepassen van een integrale kostprijs is gewijzigd naar het toepassen van een marktconform tarief. Gedurende 2024 is een analyse uitgevoerd ten aanzien van de gehanteerde tarieven, hieruit blijkt dat er een marktconform prijs wordt gehanteerd bij de activiteiten van NHG BV. 

Het leerwerkbedrijf (NHG BV) heeft een eigen rechtsvorm, administratie, rapportages, verantwoording en personeelsbestand. De sturing, het beleid en het risicobeheer is de verantwoordelijkheid van de directeur van NHG BV waarbij toezicht wordt gehouden door NHL Stenden Hogeschool. Uitgangspunt hierbij is dat de continuïteit van NHG gewaarborgd blijft en de financiële stromen zijn onderbouwd.

Gedurende 2024 zijn er binnen het leerwerkbedrijf voor € 9,2 mln. (2023: € 9,1 mln.) aan baten gerealiseerd. Van deze baten is €3,1 miljoen afkomstig van externen (2023: €2,5 mln.). Vanuit stichting NHL Stenden is gedurende 2024 een bijdrage van € 4,6 mln. (2023: € 3,6 mln.) gedaan in verband met het begeleiden en opleiden van de studenten. Daarnaast is er nog sprake van € 1,6 miljoen interne omzet in verband met evenementen (2023: €2,8 miljoen). De totale kosten binnen NHG betroffen 9,2 miljoen (2023: € 9,0 miljoen). Dit resulteert in een positief resultaat van € 12k (2023: € 25k). 

Vanuit NHG BV worden de catering en kantine activiteiten binnen de hogeschool geëxploiteerd. De omvang hiervan betrof in 2024 €2,0 miljoen (2023: € 1,9 miljoen). Om deze activiteiten in stand te houden is er door NHL Stenden in 2024 een bijdrage in gedaan van €600k (2023: €500K), dit betreffen de geïnvesteerde publieke middelen in deze private activiteit.

Beheersorganisatie kenniscampus (hierna BKL) - parkeeractiviteiten
Beheerorganisatie Kenniscampus Leeuwarden B.V. (BKL) beheert de parkeerterreinen voor NHL Stenden. Deze parkeerterreinen worden door studenten en medewerkers gebruikt. Voor sommige medewerkers en studenten is het noodzakelijk om met de auto naar de campus te komen omdat er simpelweg geen alternatieven zijn (beperkte openbaar vervoer verbinding. Het aanbieden van parkeermogelijkheid bevordert de toegankelijkheid van de campus en daarmee het hoger onderwijs (meerwaarde voor de uitvoering van de wettelijke taak).

De parkeerterreinen zijn ondergebracht in een aparte entiteit Beheersorganisatie Kenniscampus Leeuwarden BV. Deze entiteit heeft een eigen directeur welke verantwoordelijk is voor de activiteiten. De verantwoording over de activiteiten en het risicobeleid vindt plaats middels het reguliere proces van NHL Stenden.

Er is geen sprake van een integrale kostprijs bij het aanbieden van het parkeren. Wel is er sprake van een marktconform tarief. In de nabijgelegen omgeving bestaan namelijk ook gratis parkeerplekken. De dichtbij zijnde parkeergarage rekent € 4,00 per dag. Dit is duurder als € 3,50 echter is deze ook dichter bij het centrum gelegen. Indien de vergelijking met andere hogescholen wordt gemaakt liggen de parkeerkosten op hetzelfde niveau.

Gedurende 2024 betroffen de baten bij BKL € 790k (2023: € 822k), hiervan was € 585k (2023: € 682k) afkomstig van NHL Stenden (geïnvesteerde publieke middelen). De totale kosten betroffen € 785k (2023: 811k). Dit resulteert in een positief resultaat van € 6k (2023: € 11k). NHL Stenden Hogeschool vind de investering die wordt gedaan om parkeergelegenheid aan te bieden proportioneel. Het aanbieden van parkeergelegenheid vergroot de toegankelijkheid van de campus, helemaal voor een hogeschool als NHL Stenden waar een deel van de studenten uit omliggende dorpen komt waar een beperkte OV verbinding beschikbaar is.

Verhuuropbrengsten
Verhuuropbrengsten van NHL Stenden zien toe op verhuur van ruimtes aan andere onderwijsinstellingen, dan wel aan derde partijen die ook werkzaamheden voor NHLS verrichten. De ruimtes die worden verhuurd betreft restcapaciteit binnen de onderwijscampus van NHL Stenden. Indien we de betreffende ruimtes niet verhuren zouden ze (tijdelijk) leegstaan en hier geen opbrengsten (ten gunste van de publieke middelen waarmee meerwaarde wordt gecreëerd voor de wettelijk taak) uit voortkomen. Afstoten is van de ruimtes is niet aan de orde gezien deze onderdeel uitmaken van de onderwijscampus. 

De verhuurprijzen zijn bepaald aan de hand van een calculatiemodel (integrale kostprijs) rekening houdend met geldende markttarieven. Voor langdurige contracten staan de verhuurprijzen voor een aantal jaar vast, deze kunne niet tussentijds worden aangepast. Op het moment dat er sprake is van het aflopen van het contract worden de verhuurprijzen op nieuw gecalculeerd en afgezet tegen de geldende marktarieven.

De verantwoordelijkheid ten aanzien van de huisvesting (inclusief verhuur) is ondergebracht bij de dienst Fysieke Leerwerk Omgeving (FLWO). Deze dienst ziet toe op het beheersen van de huisvesting van NHL Stenden Hogeschool. Dit doen zij onder andere door het opstellen van een strategisch huisvestingsplan.

Gedurende 2024 is er voor € 436k (2023: € 471k) aan verhuuropbrengsten gerealiseerd. Momenteel worden de kosten behorende bij de verhuur niet geregistreerd. Op basis van de verhuurde vierkante meters en de integrale kostprijs berekening zijn de geïnvesteerde publieke middelen bepaald op € 407k (2023: € 412k). Dit resulteert op een positief resultaat uit verhuur van € 29k (2023: € 59k). De investering is proportioneel, de activiteit levert geld op ten gunste van de publieke taak (zie ook bovenstaande alinea).

Detachering van personeel
Bij NHL Stenden is sprake van het detacheren van personeel aan andere organisaties of instellingen. NHL Stenden detacheert enkel personeel aan onderwijsinstellingen of organisatie met een publiek belang waardoor er sprake is van onderlinge kennisdeling ten behoeve van het publieke belang (meerwaarde voor de wettelijke taak).

De verantwoordelijkheid ten aanzien van het detacheren van personeel is onder gebracht bij de dienst HRM. Deze dienst ondersteunt de overige rapporterende eenheden in het organiseren van de personele bezetting en de bijbehorende personele zaken. Het beheersen van de capaciteit gebeurt onder andere door het gebruik van bezettingsoverzichten en het opstellen van een meerjarenbegroting.

Gedurende 2024 zijn er € 1.733k (2023: € 1.549k) aan baten gerealiseerd vanuit detacheringen. Conform de beleidsregel is het voldoende om detacheringen die vallen onder de onderwijsvrijstelling (BTW) tegen een kostendekkend tarief te factureren. Bij NHL Stenden worden alle detacheringen tegen een kostendekkend tarief gefactureerd. Sprake van een integrale kostprijs is er niet. Er is totaal voor €1.053k zonder BTW (2023: € 765k) gedetacheerd en voor € 680k met BTW (€ 784k). De geïnvesteerde publieke middelen zijn gelijk aan de baten, daarbovenop zou voor de detacheringen met BTW nog een overhead moeten worden gerekend. Dit gebeurt momenteel (nog) niet. De impact hiervan betreft +- €200k (2023: €200k). Wij vinden de investering vanuit de publieke middelen ten aanzien van de personele detacheringen proportioneel omdat het detacheringen aan organisaties met een publiek belang (valorisatie) betreft waarbij de loonkosten worden gedekt.  

Studenthuisvesting
NHL Stenden betaalde in 2024 €268k (2023: € 198k) aan vergoedingen aan verhuurders ten behoeve het realiseren van huisvesting van studenten. Om het onderwijs voor iedereen toegankelijk te houden is het van belang dat er voldoende huisvesting beschikbaar is voor studenten (meerwaarde voor de uitvoering en kwaliteit van de wettelijke taak). Tegenover de betaalde vergoedingen aan de verhuurders staan geen opbrengsten, tevens is hierbij geen sprake van een marktconform tarief. 

Thema 4 - Bekostiging van buitenlandse studenten in het kader van uitwisselingsprogramma’s

Omschrijving:

  1. Buitenlandse studenten in het buitenland die deelnemen aan distance learning (leren op afstand) via een Nederlandse instelling.
  2. Buitenlandse studenten die in feite (grotendeels) in het buitenland studeren.
  3. Buitenlandse studenten die in Nederland een deel van de opleiding c.q. stage volgen.
  4. Studenten die het laatste jaar zowel bij een buitenlandse als een Nederlandse hogeschool zijn ingeschreven en die een Nederlands diploma behalen.

Verantwoording
Het betreft hier niet-NHL Stenden-studenten die studeren aan een buitenlandse instelling en gebruikmaken van een uitwisselingsprogramma en een deel van hun studie volgen aan onze hogeschool. Bij NHL Stenden was dit in het verslagjaar 2023 niet aan de orde. Er was sprake van uitwisselingsstudenten. Het totaal aantal NHL Stenden-studenten dat in 2023 participeerde in een uitwisselingsprogramma bedroeg 314 van wie 237 in Europa en 77 daarbuiten. Daar staan in 2023 197 exchangestudenten tegenover, die door NHL Stenden zijn ontvangen. Deze studenten studeerden een semester op één van onze locaties in Nederland.

Thema 8 - Bekostiging van maatwerktrajecten

Omschrijving
Instellingen ontwikkelen maatwerktrajecten waarbij een derde - een externe organisatie of bedrijf - een bijdrage betaalt voor het op maat snijden van een bestaande opleiding.

Verantwoording
Alle maatwerktrajecten waarover wordt gerapporteerd, betreffen reguliere opleidingen, waarbij NHL Stenden aanvullende inspanningen verricht tegen geëxpliciteerde meerkosten voor rekening van de vragen de partij. In geen van deze trajecten is sprake van ingrepen in het reguliere publiek opleidingsprogramma, noch in de inhoud, noch in de omvang.

NHL Stenden biedt de maatwerktrajecten aan onder voorwaarden conform de notitie ‘Helderheid’. Zo wordt er gewerkt met een contract, waarin de bedrijfsvraag en de inspanningen van NHL Stenden worden geëxpliciteerd, als ook de meerkosten voor het bedrijf van de aanvullingen op het reguliere programma. Vanzelfsprekend is het bedrijf ook geïnformeerd over alle randvoorwaarden die publieke bekostiging en CROHO-registratie betreffen.

Daarnaast volgen studenten ten minste twee derde van de opleiding in het kader van deze maatwerktrajecten op een locatie van NHL Stenden, conform de ‘Beleidsregel doelmatigheid hoger onderwijs’. De (hoofd)vestigingsplaats van de genoemde bedrijven waarmee NHL Stenden een maatwerktraject is overeengekomen, is nadrukkelijk niet de vanzelfsprekende locatie waar (een deel van) de betreffende opleiding plaats heeft gevonden in 2024. Voor het overige betreft het in alle genoemde gevallen een reguliere opleiding, die ook werd en wordt aangeboden aan (andere) studenten die aan de normale toelatingseisen voldoen. Het overzicht van de maatwerkcontracten per 1 september 2024 ziet er als volgt uit

Bachelor en Associate Degree Ondernemerschap & Retail Management
Aanbieder: NHL Stenden Hogeschool, Academie Commerce & International Business Maatwerktraject voor (aantal studenten):

  • Albert Heijn (150);
  • Plusretail (49);
  • Hoogvliet (11);
  • Vomar (8).