Spring naar inhoud

Student en studie

2.1 Design Based Education

Transitie/invoering DBE

In 2022 is de invoering van het onderwijsconcept DBE doorgegaan en dat heeft ertoe geleid dat inmiddels 95% van de leerjaren volgens de uitgangspunten van het onderwijsconcept Design Based Education is ingericht. Een aantal academies is volledig conform DBE ingericht.

Er ontstond bovendien meer synergie tussen het flexonderwijs en DBE; er wordt gewerkt aan een handreiking door dienst OO&I. De implementatie van DBE was ook in het verslagjaar een continu proces. Veel opleidingen ontwikkelden het door en pasten het eerdere ontwerp aan. De Sharepoint-site rond DBE vervulde daarin een belangrijke rol en werd gewaardeerd. Er zijn nieuwe ‘praatplaten’ ontwikkeld en het aantal ontwerpkaders gekoppeld aan het onderwijsconcept is ingekort ten behoeve van de uitvoerbaarheid.

De kwaliteit van docenten en de kwaliteit van het team zijn belangrijke succesfactoren in de uitvoering. Docenten zoeken nog naar een goede invulling van hun meer coachende rol. De noodzaak om te blijven inzetten op de professionalisering blijft daarmee onverminderd groot. De associate lector Design Based Hospitality Education en de lector DBE hebben gezamenlijk een onderzoek gedaan naar de rollen van de docent; publicatie hiervan komt in 2023.

Opleidingen hadden en hebben de ruimte om passend bij de context een eigen invulling te geven. Vanuit andere onderwijsinstellingen is er veel belangstelling voor het concept en de wijze van invoering ervan. Er wordt veel aan kennisdeling met onderwijsconsultants, onderwijsmanagers en docenten van collega-instellingen gedaan, zowel online als fysiek. Op basis van ervaringen zal de kern van DBE en de toetsing moeten worden doorontwikkeld. Externe ontwikkelingen, zoals aanpassingen in de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek, de invoering van de Registratie Instellingen en Opleidingen (RIO) in het hoger onderwijs en de ontwikkeling van een systematiek van microcredentials zullen invloed hebben op onder meer de inrichting van het onderwijs en op de synergie tussen voltijd en flex. Deze ontwikkelingen worden voortdurend gemonitord door de ondersteunende diensten, en het lectoraat DBE zet een grootschalig onderzoek op naar het effect van DBE. Uit visitaties komt naar voren dat DBE als onderwijsconcept zeer positief gewaardeerd wordt.

De kwaliteitsafspraken gaven in het verslagjaar een goede impuls aan de implementatie van DBE in al zijn facetten. Deze afspraken droegen bij aan focus, prioritering en aan gemeenschappelijke doorontwikkeling.

Inclusie en diversiteit binnen onze hogeschool


Het Gender Equality Plan (GEP)


NHL Stenden heeft het GEP ondertekend: het Gender Equality Plan. “Dit is een verklaring, waarin je de intentie onderschrijft om in je organisatie diversiteit in gender te bevorderen”, vertellen Siwarde Spoelstra en Roelien Linthorst. “Er staat in welke activiteiten we daarin ondernemen en het is een opmars naar een plan van aanpak.” Als hogeschool hebben we de ambitie dat diversiteit, rechtvaardigheid en inclusie vaste onderdelen worden van het beleid. Daarom is er na de zomer van 2022 een werkgroep Diversity, Equity &Inclusion gestart, met als eerste opdracht een overkoepelende visie en ambitie te formuleren. “Door zicht te krijgen op de initiatieven die hierin binnen de hogeschool al spelen en toe te werken naar het formuleren van concrete doelstellingen, kunnen we goed monitoren of we aandacht aan de juiste zaken geven.” 

2.2 Onderwijsinnovatie en portfolio

In 2022 is verder gewerkt aan de optimalisatie van het portfolio van opleidingen. De richtinggevende uitspraken en de dataset die in 2021 ontwikkeld zijn, vormen de basis voor de verdere dialoog over de ontwikkeling van ons portfolio. Er is gewerkt aan het verbeteren van de doorlopende leerlijnen en er is een onderzoek gedaan naar de mate waarin het huidige portfolio aansluit bij de vragen in de markt. Tevens gaat de flexibilisering van het onderwijs door via deelname aan de pilot microcredentials van de VH. Hierbij kunnen cursisten certificaten krijgen voor behaalde onderwijseenheden. Ook ‘fastswitch’ draagt bij aan de flexibilisering: in dit traject krijgen ‘carrière-switchers’ een zo optimaal mogelijk programma, waarmee ze werken en leren kunnen combineren. Verder zijn er digitale certificaten voor ingeschreven studenten, de zogenaamde edubadges en we zetten het experiment ‘leeruitkomsten’ voort, in afwachting van de Wet Leeruitkomsten. Er zijn regievoerders aangesteld die een plan van aanpak maken voor LLO-activiteiten en we hebben meegedaan in de LLO-katalysator (groeifonds), tezamen met andere hogescholen en universiteiten.  
We zijn ook bezig geweest met het herijken van de bestaande associate degree-opleidingen (Ad’s). Dit zijn tweejarige opleidingen op niveau 5. We hebben gekeken naar de vorm van de opleiding, de locaties, de profilering en we hebben nieuwe associate degree-opleidingen ontwikkeld, zowel voor voltijd- als deeltijdstudenten. Het gaat hierbij om de opleidingen Participatie & buurtontwikkeling, Zorg & technologie, en Cybersafety en -Security. Daarnaast behaalde we een mooie tevredenheidsscore in de Nationale Studenten Enquête voor de Ad’s.  
De opleidingen zijn nu al van grote meerwaarde voor studenten, ons onderwijssysteem én voor de arbeidsmarkt. Er is onderzoek gedaan naar werkplekleren en internationalisering in Ad’s en er zijn in dit kader een aantal activiteiten uitgevoerd. Daarnaast is de handreiking ‘Onderzoekend vermogen en Ad’ gepubliceerd. Met de mbo’s in het noorden worden afspraken gemaakt om de doorstroom te verbeteren, er worden voorlichtingsactiviteiten voor mbo-leerlingen georganiseerd en steeds meer doorstroomkeuzedelen aangeboden die mbo-studenten voorbereiden op een hbo-opleiding.  
 
Binnen de Vereniging Hogescholen is doorgewerkt aan het sectorplan masters. Het doel van dit sectorplan is het gezamenlijk ontwikkelen van professionele masters op cross-sectorale maatschappelijke thema’s en verlichte toetsing. Hoewel de oorspronkelijke doelstellingen van het sectorplan masters lastig te realiseren bleken, zijn er interessante samenwerkingen met andere hogescholen ontstaan. Een daarvan is de ontwikkeling van de master Strategic Communication for Business and Society, tezamen met Fontys Hogeschool.

2.3 Aansluiting

Onze hogeschool werkt samen met het voortgezet onderwijs­, mbo-­ en hbo-instellingen in een aantal netwerken. Deze netwerken willen de aansluiting tussen het voortgezet onderwijs, mbo en het hbo verbeteren, bijvoorbeeld door het gezamenlijk organiseren van projecten die de kwaliteit van de doorstroom naar het hbo bevorderen. Een aantal van die projecten is opgenomen in het Regionaal Ambitieplan (RAP) van het jaar 2022.

Financiële middelen voor dit ambitieplan worden door het ministe­rie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) ter beschikking gesteld om regionale samenwerking op het gebied van aansluiting en doorstroom te bevorderen. De ambities van het RAP richtten zich in 2022 op de thema’s studievaardigheden, oriëntatie op het hbo (waaronder studiekeuze) en het bevorderen van netwerken tussen vo/mbo en hbo. Zo werden, op basis van het RAP, middelen beschikbaar gesteld voor het opzetten van een schakelklas voor vluchtelingen die in het hoger beroepsonderwijs willen gaan studeren. In 2022 werd de samenwerking die we hebben met mbo-instellingen op het gebied van het keuzedeel ‘voorbereiding hbo’ verbreed naar andere sectoren.

2.4 Facilitering

Er is in 2022 een multidisciplinaire werkgroep Diversiteit & Inclusie gestart. Deze heeft een visie op diversiteit en inclusie voor NHL Stenden ontwikkeld en voorgelegd aan een breed samengestelde klankbordgroep. Het visie- & ambitiestuk is de eerste stap in het agenderen van het onderwerp in de hogeschool. Er volgt een plan om hierover verder te praten en vervolgstappen te zetten.

Het College van Bestuur heeft besloten dat er een ombudsman voor studenten en voor medewerkers geïnstalleerd wordt. De positionering van deze persoon naast de andere voorzieningen is uitgewerkt.

Gebruik maken van de bibliotheek
Om studenten te faciliteren bij hun (zelf)studie, beschikken alle vestigingen over een uitgebreide bibliotheek. Deze gezamenlijke bibliotheek is zowel fysiek als digitaal toegankelijk en biedt naast toegang tot informatie ook trainingen, informatievaardigheden, het correct omgaan met referenties en auteursrechten. Het scriptorium biedt ondersteuning bij het schrijven van afstudeerscripties.

Studeren met een functiebeperking
Onze hogeschool werkt via de werkgroep ‘studeren met een functiebeperking’ aan inclusief onderwijs voor alle studenten, om invulling te geven aan de in 2018 ondertekende intentieverklaring voor de implementatie van het VN-verdrag voor de rechten van mensen met een handicap. Dit thema is meegenomen in de kwaliteitsafspraken bij het thema ‘meer en betere studentbegeleiding en studentsucces’. Studentendecanen zorgen ervoor dat studenten die dat door hun functiebeperking nodig hebben, aanvullende voorzieningen krijgen, ook bij het maken van digitale toetsen. Ook tijdens de coronacrisis was er speciale aandacht voor deze groep. Zo kregen zij onder andere via de decaan de gelegenheid om gebruik te maken van studieruimtes op school. Alle studenten kunnen binnen onze hogeschool gebruik maken van diverse vormen van ondersteuning en begeleiding. Het inventariseren, op elkaar afstemmen, verbeteren en ontsluiten van dit aanbod is een thema dat wordt uitgewerkt in de kwaliteitsafspraken.

2.5 Verbreden en verdiepen van de studie

Flexibilisering
De subsidietermijn van het experiment Leeruitkomsten werd als gevolg van de coronacrisis verlengd. Hiermee kwam de einddatum te liggen op 1 september 2021. De eindrapportage en het groeidocument werden opgesteld en ingestuurd en de doelstellingen uit het project zijn behaald. We beschikken over een groot portfolio van flexibele opleidingen, we werken met leeruitkomsten, validering en leerwegonafhankelijke toetsing, we betrekken het werkveld bij ons onderwijsaanbod en waar mogelijk bij toetsing. Studenten kunnen een individuele leerroute bepalen, passend bij hun omstandigheden. 

De projectorganisatie werd overgeheveld naar de staande organisatie en richtte zich verder op de doorontwikkeling van de flexibele opleidingen en de implementatie van activiteiten in het kader van Leven Lang Ontwikkelen, zoals een pilot microcredentials via de Vereniging Hogescholen.

X-Honours en Centre for entrepreneurship
X-Honours is er voor studenten die wat meer uitdaging willen en die buiten de grenzen van hun opleiding willen leren. Ook onder de internationale studenten was hiervoor veel animo. De activiteiten van X-Honours vonden in 2022 weer grotendeels op locatie plaats. De studenten werkten aan actuele praktijkvraagstukken en leerden in multidisciplinair verband op een andere manier naar maatschappelijke vraagstukken te kijken.

Met behulp van de middelen uit de kwaliteitsafspraken is het Centre for Entrepreneurship opgericht. Studenten die ondernemer willen worden, of willen verkennen of dat wat voor ze is, kunnen hier terecht om over alle facetten van het ondernemerschap te leren en ervaring op te doen. Er is een community in Leeuwarden en in Emmen. Studenten kunnen aanspraak maken op de topondernemersregeling en er is een fonds opgericht om studenten te ondersteunen.  

2.6 Corona

Impact van corona op de instelling en coronamaatregelen

1. Online onderwijs en toetsing

NHL Stenden heeft in 2022 de coronamaatregelen gevolgd zoals die door de overheid werden opgelegd. Dat betekent dat we waar nodig zoveel mogelijk online onderwijs aanboden, en op de locaties namen we maatregelen om studenten en medewerkers zoveel mogelijk te verspreiden in de ruimte. We deden dit onder andere door de bezettingsgraad laag te houden, door zoveel mogelijk personeel thuis te laten werken. Alleen plaatsafhankelijk praktijkonderwijs, een deel van de tentamens en onderwijs aan kwetsbare groepen studenten werd op locatie aangeboden. In deze periode werden ook wervings- en voorlichtingsactiviteiten online georganiseerd.

2022 begon met een lockdown, maar vanaf eind januari werd er al snel steeds meer mogelijk en konden we ook weer beginnen met onderwijs op locatie. Niettemin werden er regelmatig medewerkers en studenten ziek, en daarom bleven we ook online onderwijs aanbieden. De evaluatie van het online onderwijs enerzijds en het werken en studeren op locatie anderzijds, maakte duidelijk dat fysiek contact belangrijk is voor de sociale binding, en voor de motivatie van studenten en medewerkers. Daarom hebben we steeds meer ingezet op on-campusactiviteiten. Op basis van de ervaringen uit 2020 en 2021 is het online en hybride onderwijs doorontwikkeld: we hebben enkele nieuwe applicaties aangeschaft, nieuwe professionaliseringsactiviteiten rond digitale didactiek aangeboden en betere afwegingen tussen online en on-campusactiviteiten gemaakt en uitgewisseld. Bij de aanbesteding van de hoofdapplicatie voor de digitale leeromgeving (Blackboard), zijn bovendien de ervaringen meegenomen in het pakket van eisen en wensen. Ook is de voorbereiding van het digitaal toetsen (op locatie) in gang gezet, in plaats van online toetsen op afstand. We hebben de bestaande toetsapplicaties onder de loep genomen en een aanbesteding opgestart waarin we zochten naar een applicatie die het digitaal toetsen op locatie ondersteunt, zodat we de inzet van proctoring kunnen afbouwen. Dit hebben we gedaan in het kader van het project digitaal toetsen, in thema 5 van de Kwaliteitsafspraken.

Studentwelzijn
Naast het bestaande fysieke aanbod, zoals de mogelijkheid met studentendecanen te spreken, is er voor studenten een digitaal aanbod ter ondersteuning van het mentale welzijn ingericht (gefinancierd vanuit de kwaliteitsafspraken). De studenten kunnen deze platforms via de intranetomgeving benaderen. Vooral initiatieven gebaseerd op het peer-to-peerprincipe werken goed. We hebben gekozen voor een ruimere openstelling van de hoofdgebouwen, zodat studenten in de bibliotheek en studielandschappen kunnen studeren en medestudenten kunnen ontmoeten, steeds passend bij de dan geldende coronamaatregelen.

Onderzoek
Op basis van de ervaringen van 2020 en 2021 zijn onderzoeksactiviteiten die plaatsafhankelijk van aard zijn, toegestaan op locatie op voorwaarde dat aan de basishygiëneregels kon worden voldaan. We hebben deelgenomen aan de regeling van regieorgaan SIA, dat voorziet in het financieren van noodgedwongen uitgestelde onderzoeksactiviteiten. Deze middelen hebben we ingezet om contracten te verlengen, docent-onderzoekers die ingezet waren in het onderwijs weer vrij te maken voor onderzoek, en om eventuele aanpassingen in onderzoeksvoorstellen door te voeren.

Impact op onderwijskwaliteit
Bij alle genoemde visitaties waren de panels tevreden over de wijze waarop de opleidingen het onderwijs in coronatijd hebben aangepast. In de zelfevaluatierapporten ter voorbereiding op visitatiebezoeken wordt een hoofdstuk gewijd aan het effect van onderwijs op de opleiding en in de visitatierapporten wordt hierop door het panel gereflecteerd. Hieruit blijkt het volgende:

Studieloopbaanbegeleiders speelden tijdens de coronapandemie een belangrijke rol om zicht te houden op de studenten, ondanks de verminderde contactmogelijkheden. De (digitale) informatievoorziening aan huidige en toekomstige studenten werd als adequaat beoordeeld. Teams reageerden flexibel en kwamen snel met aanpassingen. Panels waren tevreden met de wijze waarop opleidingen tijdens de coronapandemie proactief met studenten zijn omgegaan en het onderwijs (digitaal) zijn blijven verzorgen. Gedurende de coronapandemie heeft de verdere ontwikkeling van de digitale leeromgeving een flinke boost gekregen. Zo zijn er, ter ondersteuning, online kennisclips en andere digitale materialen/bronnen aangeboden via de elektronische leeromgeving. De voorbereiding van studenten voorafgaand aan de lessen heeft hiermee een grotere rol gekregen en tijdens de lessen was er meer ruimte voor verdieping.

Weliswaar werd het directe onderlinge contact gemist, het digitale platform werd volgens de studenten adequaat en naar tevredenheid ingezet door opleidingen. Direct persoonlijk contact heeft vooral een duidelijke meerwaarde voor het creëren van een veilige leeromgeving en het geven van feedback. Docenten merkten dat feedback die op afstand gegeven wordt, snel harder aankomt. Daarom plannen docenten nu meer consultmomenten in met individuele studenten. Voor het werken in groepen aan cases moeten docenten meer moeite doen om zicht te krijgen op de groepsdynamiek en het individueel presteren van studenten daarbinnen.

Met de lumpsum NPO-middelen (‘NP onderwijs’ genoemd in de handreiking corona-paragraaf) zijn veel extra docenten aangetrokken, door middel van een grote wervingscampagne. Deze docenten zijn snel ingezet om intensiever onderwijs en meer begeleiding te geven, en om de werkdruk te verminderen.

2. Plan besteding NPO-enveloppe middelen, realisatie en vooruitblik

2.1 Procesmatig

Totstandkoming plan
Een werkgroep (bestaande uit: CvB lid, academiedirecteur, directeur Onderwijs en Onderzoek, HMR studentlid, businesscontroller en projectleider) is gestart met het beoordelen van de keuzelijst van het ministerie en heeft daarin een selectie gemaakt. De selectie is gekoppeld aan de thema's en activiteiten die in de kwaliteitsafspraken gekozen zijn. Zo kunnen de overlappende thema's, zoals studentsucces en studentwelzijn, efficiënter en effectiever aangepakt worden. Op basis van een berekening van de financiële effecten is een voorstel gedaan voor verdeling van de middelen.

De volgende gremia zijn geraadpleegd:

  • 22 juni 2021: bespreking van het plan door de Hogeschoolmedezeggenschapsraad, de commissie Education & Research. 30 juni een positief advies over het conceptvoorstel ontvangen met daarin het verzoek niet verder te schrappen in de keuzelijst, en academies de ruimte te geven hierin zelf accenten te leggen.
  • 23 juni 2021: bespreking plan Raad van Toezicht, commissie Onderwijs, Onderzoek & Internationalisering, positief advies.
  • 25 juni 2021: bespreking plan hogeschoolberaad (directeuren en CvB,): aandachtspunt is de duurzaamheid van de plannen, en beperken verantwoordingsdruk voor betrokkenen. Verder geen inhoudelijke opmerkingen.
  • Aansluiting landelijke werkgroep NPO (basecamp) via Vereniging van Hogescholen.
  • 7 september 2021: instemming Hogeschoolmedezeggenschapsraad op het plan.
  • 7 september 2021: het plan, inzet en verdeling NPO-middelen vastgesteld door CvB.
  • 14 september 2021: plan ter bespreking op 7 oktober 2021 aan Raad van Toezicht gezonden.
  • 15 september 2021 indiening plan en bijlagen bij Berenschot.

Het herstelplan Lerarenopleidingen (thema 5) is door de academies Primair Onderwijs en de academie Voortgezet Onderwijs & MBO vanaf 2022 uitgevoerd.

Op 3 juni 2022 heeft minister Dijkgraaf de ‘tweede voortgangsrapportage NP Onderwijs mbo-hbo en onderzoek’ toegestuurd aan de Tweede Kamer. Hij heeft hierin onder andere aangegeven dat het programma verlengd zal worden (pagina 3): “Instellingen geven aan meer tijd nodig te hebben om hun plannen op een verantwoorde manier uit te voeren. Dat blijkt ook uit het feit dat niet alle geplande acties in gang zijn gezet en de bestedingen her en der nog wat achterblijven. Ook studenten geven aan dat zij meer ruimte nodig hebben voor herstel, waarbij te grote haast een averechts effect op hun welbevinden heeft. Ik wil instellingen, studenten, docenten en wetenschappers die tijd dan ook graag gunnen. Daarom merk ik 2023 aan als regulier bestedingsjaar voor de beschikbare middelen uit het NP Onderwijs voor het mbo en ho, en het kalenderjaar 2024 tot zogenoemd ‘uitloopjaar’.

We hebben van deze mogelijkheid gebruikgemaakt en een addendum geschreven op ons plan ‘Flexibel herstellen’. Hierin wordt beschreven dat de resterende middelen worden ingezet in de jaren 2022, 2023 en 2024. Een deel van het budget (ruim € 1,5 mln.) is al ingezet in 2021 en vorig jaar verantwoord in ons jaarverslag. Op basis van een uitvraag onder de academiedirecteuren is een herverdeling gemaakt van de inzet van de budgetten. Het betreft alleen een verschuiving in de tijd en geen inhoudelijke wijziging van de planvorming. De aard van de activiteiten blijft ongewijzigd en realisatie van het vastgestelde plan is nog steeds de doelstelling. De uitvoering van de acties ligt bij de academies en diensten; de regie op het totale NPO-plan ligt centraal. Er is nadrukkelijk gevraagd door de HMR en de opleidingen zelf om acties binnen de thema’s op te zetten die passend zijn voor de studenten van de betreffende opleidingen.

Op 20 september 2022 is het addendum vastgesteld door het CvB. Vervolgens is het besluit ter informatie aan de HMR verstrekt.

Monitoring & verantwoording
De monitoring volgt de reguliere R-rapportages. Daarnaast is er een stuurgroep ingericht die de sturing van het project voor haar rekening neemt. Omdat de thema’s grotendeels gelijk aan de kwaliteitsafspraken zijn, liggen de acties veelal in elkaars verlengde. De ingezette middelen in 2022 zijn vanuit de academies en diensten financieel verantwoord, er is in kaart gebracht welke medewerkers zijn ingezet voor hoeveel fte, en op basis van de gemiddelde personeelslast zijn de gemaakte kosten vastgelegd in onze projectadministratie. Daarnaast zijn ook de materiële lasten (m.n. facturen) geboekt op de NPO-projectnummers. 

2.2 Inhoudelijk

NHL Stenden heeft ervoor gekozen de tijdelijke (‘enveloppe') middelen zoveel mogelijk in te zetten op herstel: zorgen dat studenten alsnog succesvol, met de benodigde praktijkervaring, hun opleiding kunnen doorlopen en afronden. Met behulp van de ‘NP onderwijs’ middelen (lumpsum) zijn veel docenten aangetrokken. De inzet van deze docenten geeft opleidingsteams de mogelijkheid accenten te verleggen, extra activiteiten te organiseren en heeft bovenal een positief effect op de hoge werkdruk. Het geeft de mogelijkheid flexibeler te zijn in de onderwijsprogramma's, bijvoorbeeld doordat onderwijseenheden een extra keer kunnen worden aangeboden of doordat er extra begeleiding kan worden aangeboden. Dit deel van de NPO-middelen wordt vooral ingezet ten behoeve van remediërende activiteiten. De extra financiële ruimte maakt het mogelijk een flexibeler onderwijsaanbod te genereren en geeft tegelijkertijd de gelegenheid om naar een duurzaam en toch flexibel onderwijsaanbod toe te werken, passend bij het DBE-concept.

De middelen die zijn doorgeschoven van 2022 naar 2024 worden benut om de na-effecten van de lockdowns op te vangen. Studenten hebben niet optimaal kunnen studeren, zijn soms onvoldoende in staat geweest in de praktijk opdrachten te doen of stage te lopen en kunnen dat inhalen. Als gevolg van het doorschuiven van middelen kunnen de extra aangestelde docenten over een langere periode effectief ingezet worden.

Een aantal voorbeelden van de ingezette acties in 2022:
Thema 1 Soepele in- en doorstroom

  • De extra docenturen zijn benut om ook voldoende tijd vrij te kunnen maken voor studiebegeleiding: het flankerend beleid voor studentbegeleiding, ontwikkeld met behulp van de middelen kwaliteitsafspraken, is ingezet om de studenten beter in beeld te hebben en beter te kunnen begeleiden bij doorstroom, maar ook bij een eventuele switch in of na het eerste studiejaar.
  • Er was extra begeleiding door kleinschaliger (lab- en /of praktijk) onderwijs vanwege de corona-maatregelen.
  • Er werden extra online studiekeuzeactiviteiten georganiseerd.
  • De Academie PO doet voor studenten met studie-achterstanden sprintsemesters (half jaar, om achterstanden in te halen, zowel op opleiding als in praktijk (stage)) en extra en intensievere afstudeerbegeleiding.

Thema 2 Welzijn studenten

  • Er zijn onder andere studentpsychologen ingezet in Meppel voor een specifieke doelgroep (internationale studenten) en op Terschelling via studentenpsychologen van het bureau Maarsing en Van Steijn.
  • Het Student Succes Centrum is ontwikkeld en er is extra aanbod beschikbaar gemaakt, zowel voor studievaardigheden als op het gebied van welzijn.

Thema 3 Ondersteuning en begeleiding Stage

  • Acquisitie en Matching: Regelen van extra en alternatieve stages voor studenten die niet op hun stageplek terecht konden vanwege corona (o.a. buitenlandstages, maar ook stages op (basis)scholen in lockdown of met beperkte toegankelijkheid voor extra volwassenen.
  • Door verplaatsing of intensiveren van stages was extra stagebegeleiding noodzakelijk.

2.3 Financieel

In ons plan ‘Flexibel herstellen’ hebben we voor 2022 bijna € 9,2 mln. gebudgetteerd (NPO-enveloppe). Hiervan was € 6,3 mln. voor thema’s 1 t/m 3 en € 2,9 mln. voor thema 5. Op basis van het voorgenoemde addendum zijn deze bedragen naar beneden bijgesteld, een deel is doorgeschoven naar bestedingsjaar 2023 en ‘uitloopjaar’ 2024. In onderstaande tabellen zijn de bijgestelde budgetten opgenomen (addendum) en niet de oorspronkelijke (plan ‘Flexibel herstellen’).

Onderstaande tabel toont de besteding van alle NPO-middelen, de NPO-enveloppe wordt vervolgens nog specifiek toegelicht.

(bedragen x €1.000) Ontvangen 2021 Ontvangen 2022 Besteed 2021 Besteed 2022 Te besteden 2023 Te besteden 2024 Totaal
Hogescholen/Universiteiten
Bekostiging
             
Bekostiging onderwijsdeel: corona-enveloppe  € 7.285   € 9.172   € -1.591   € -6.924   € -4.854   € -3.135   € -47 
Bekostiging onderzoek  € 203   € 10     € -213      € -
Bekostiging onderwijsdeel: extra instroom Studenten studiejaar 2020-2021  € 11.405     € -11.405        € -
Bekostiging onderwijsdeel: compensatie verlagen collegegeld  € 7.398   € 15.689   € -7.398   € -15.689      € -
Subsidies             € -
Regeling extra hulp voor de klas
Onderzoekers Hogescholen (via NWO/SIA)
 € 893     € -893        € -
               
Totaal              € -47 

In 2022 is in het kader van de NPO-enveloppe meer dan € 6,9 mln. besteed (en als zodanig ook geregistreerd in de project- en financiële administratie). Het resterend niet-normatieve rijksbijdragebudget is als balanspost opgenomen, en de bedragen die zijn opgenomen in de kolommen ‘te besteden 2023’ en ‘te besteden 2024’ zullen in deze jaren vrijvallen. Per saldo zullen we voor de uitvoering van ons NPO-plan ‘Flexibel herstellen’ nog een klein bedrag uit eigen middelen inzetten (€ 48.000). De budgetten voor ‘Bekostiging onderwijsdeel: extra instroom studenten studiejaar 2020-2021’ en ‘Bekostiging onderwijsdeel: compensatie verlagen collegegeld’ in bovenstaand overzicht zijn als normatieve rijksbijdrage toegekend. De financiële verantwoording in de jaarrekening verloopt zoals beschreven in art. 660.202 van de Richtlijnen voor de jaarverslaggeving in het jaar waarop de toekenning betrekking heeft. De inhoudelijke verantwoording verloopt via het bestuursverslag, hier is geen aanvullende verantwoording voor vereist. 

Een uitsplitsing van de NPO-enveloppe in de gedefinieerde thema’s is zichtbaar in onderstaande tabel: 

(bedragen x €1.000) Gepland 2021 Besteed 2021 Gepland 2022 Besteed 2022 Gepland 2023 Gepland 2024 Totaal
Soepele in- en doorstroom, Welzijn studenten en social binding opleiding, Ondersteuning en begeleiding op het gebied van stages  € 1.500   € 1.591   € 4.533   € 4.511   € 2.642   € 2.028   € 10.772 
Co-schappen             € -
Lerarenopleidingen € - € -  € 2.212   € 2.413   € 2.212   € 1.107   € 5.732 
Overig(buiten thema's)             € -
Nog te bestemmen             € -
Totaal  € 1.500   € 1.591   € 6.745   € 6.924   € 4.854   € 3.135   € 16.504 

Beide bovenstaande tabellen sluiten op elkaar aan. De bestedingen over 2021 en 2022 zijn inmiddels bekend, beide jaren zijn iets hoger uitgekomen dan gepland. De budgetten voor 2023 en 2024 zijn hierop aangepast. De laatste kolom laat zien dat we uitkomen op een totale besteding van € 16.504.000, dat is € 48.000 hoger dan de in het plan opgenomen besteding van € 16.456.000.

 In ons plan ‘Flexibel herstellen’ (en het addendum daarop) hebben we budgetten toegekend voor thema’s 1, 2 en 3 gezamenlijk. De activiteiten liggen inhoudelijk heel dicht bij elkaar en om de administratieve last te beperken (maken van arbitrair onderscheid) hebben we het zowel in het plan als in de administratie ingericht als één post, waarop verantwoording afgelegd dient te worden. Thema 5 (lerarenopleidingen) is wel apart opgenomen.

2.4 Vooruitblik

In 2023 worden de acties zoals in het plan beschreven voortgezet, passend bij de vraag en de behoefte van de studenten. Na de periodieke voortgangsrapportages wordt beoordeeld of hogeschoolbreed de acties moeten worden bijgesteld. Binnen de academies is er een continue PDCA-cyclus waardoor er op korte termijn acties per opleiding bijgesteld kunnen worden.

2.5 NPO Bestuursakkoord onderzoek Steunprogramma voor herstel en perspectief onderzoeker

In 2021 hebben 32 onderzoekers vertraging opgelopen vanwege corona(-maatregelen). Daar zijn in 2022 nog 2 onderzoekers bijgekomen waardoor het totaal is uitgekomen op 34 medewerkers. De kosten van de vertraging zijn berekend op € 416.561. We hebben bij Regieorgaan SIA een aanvraag ingediend ter compensatie in het kader van het NPO Bestuursakkoord Onderzoek. Op 16 december 2021 ontvingen we het subsidieverleningsbesluit. De compensatie voor NHL Stenden is vastgesteld op € 213.170. Daarmee is ook duidelijk geworden dat we uit eigen middelen € 203.391 hebben gefinancierd, namelijk het verschil tussen de berekende kosten en de verleende subsidie.

Onderstaande tabel vat dit samen:

  NPO-middelen Eigen middelen
Besteed in euro’s  € 213.170   € 203.391 
Aantal geholpen onderzoekers – unieke personen 34 34

2.7 Financiële ondersteuning

Profileringsfonds

Onze hogeschool beschikt over een Profileringsfonds conform artikel 7.51 in de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek (WHW), voor studenten die door bijzondere omstandigheden studievertraging oplopen. Ook studenten die lid zijn van een opleidingscommissie, een deelraad of de hogeschoolmedezeggenschapsraad, krijgen financiële ondersteuning vanuit het Profileringsfonds.
Studenten die aan topsport doen, kunnen een beroep doen op de regeling Financiële Ondersteuning Topsport en studenten die lid zijn van een studentenvereniging kunnen, mits deze vereniging is opgenomen in het studentenstatuut, een bestuursbeurs aanvragen in het kader van de regeling ‘Financiële ondersteuning medezeggenschapsraden en studentenorganisaties'.

De commissie Profileringsfonds beoordeelt alle aanvragen.

In 2022 werd driemaal beroep gedaan op financiële ondersteuning op grond van de prestaties op gebied van sport of cultuur. Bijna de helft van het uitgekeerde bedrag ging naar studenten uit de medezeggenschap.
De totale toekenning uit het Profileringsfonds in 2022 bedroeg € 613.838. De verdeling hiervan is weergegeven in de tabel hieronder.

Overzicht uitkeringen Profileringsfonds

Omschrijving Aantallen ho-studenten Totaal van de toekenningen Gemiddelde hoogte van de toekenningen Gemiddelde duur van de toekenningen
Ho-studenten in overmachtssituaties

Ziekte, functiebeperking, familieomstandigheden, mantelzorg of niet-studeerbare opleidingen
Aanvragen: 94
Toewijzingen: 90
€ 278.700 € 3.097 10 maanden
Bestuurders van studie- of studentenverenigingen of MR Aanvragen: 309
Toewijzingen: 308
€ 330.038 € 1.072 5 maanden
Overige categorieën

Prestaties op het gebied van sport of cultuur, fin. steun aan niet-EER ho-studenten, uitgaande beurzen e.a.
Aanvragen: 3
Toewijzingen: 2
€ 5.100 € 2.550 8,5 maanden

Noodfonds studenten

Studenten die incidenteel en onvoorzien in financiële moeilijkheden raakten en daardoor in hun studievoortgang werden belemmerd, konden een beroep doen op de Regeling Studenten Noodfonds. Op basis van de regeling werden in 2022 aan twee studenten leningen verstrekt voor een totaalbedrag van € 1.995 en aan één student een gift van € 4.041. Het fonds heeft jaarlijks een budget van € 25.000. Het door de hogeschool beheerde noodfonds ontvangt zijn middelen van de Stichting Steunfonds Stenden Hogeschool.

De oorlog in Oekraïne zorgde voor een bijzondere situatie waarbij studenten uit Oekraïne en (Wit)-Rusland vanuit het Noodfonds tijdelijk extra ondersteuning hebben gekregen. Voor deze financiering hebben wij een extra donatie van 200.000 euro vanuit de provincie Fryslân en gemeente Leeuwarden ontvangen.

Naast middelen voor het Studenten Noodfonds stelde de Stichting Steunfonds eveneens middelen ter beschikking voor het studentenpastoraat (Expect), het Centrum voor Levensbeschouwing en de Douwe Tammingabeurzen (fonds voor speciale doelgroep). Deze laatste beurzen zijn toegevoegd aan het steunfonds en worden toegekend aan talentvolle studenten die financiële ondersteuning nodig hebben en die geen beroep kunnen doen op andere fondsen. 

Noodfonds

Omschrijving aantallen studenten totaal van de toekenningen
Verstrekte leningen aan studenten met overmachtssituatie vanuit het Noodfonds Toewijzingen: 2 € 1.995
Verstrekte giften aan studenten met overmachtssituatie vanuit het Noodfonds Toewijzingen: 1 € 4.041
Aantal afwijzingen: 4  
Maand Aantal studenten Toelage per student Totaal
Maart 63 € 1.000 € 63.000
April 60 € 650 € 39.000
Mei 53 € 650 € 34.450
Juni 56 € 650 € 36.400
Juli 58 € 650 € 37.700
Augustus 58 € 650 € 37.700
Totaal     € 248.250

2.8 Rechtsbescherming

College van Beroep voor de Examens NHL Stenden Hogeschool

Studenten die in beroep wilden gaan tegen een beslissing van de examencommissie van de opleiding, konden terecht bij het College van Beroep voor de Examens. Dit College bestaat uit twee kamers met elk vijf leden, twee voorzitters daarbij inbegrepen en uit vijf plaatsvervangende leden, een plaatsvervangend voorzitter daarbij inbegrepen. 
In 2022 kwamen er 52 beroepschriften binnen. En er stond nog een beroepschrift uit 2021 ter afhandeling. Van deze beroepschriften werden er 23 ingetrokken door de betreffende studenten. Er werden 18 beroepszaken geschikt. Door het College van Beroep werden tien beroepschriften ter zitting behandeld. Hiervan zijn er drie gegrond verklaard en zes ongegrond verklaard. Eén beroep werd na de zitting geschikt. Twee beroepen worden in 2023 ter zitting behandeld. 

Klacht- en Geschillenadviescommissie NHL Stenden Hogeschool

De Klachtenregeling studenten voorziet in een Klachtadviescommissie die bestaat uit drie leden, te weten een extern lid als voorzitter (en een plaatsvervanger) en twee medewerkersleden (en twee plaatsvervangers). Deze commissie adviseert het College van Bestuur met betrekking tot klachten en bezwaarschriften. Het College van Bestuur neemt de uiteindelijke beslissing. Tegen beslissingen op bezwaar (van het College van Bestuur) staat beroep open bij het College van Beroep voor het Hoger Onderwijs. Tegen beslissingen van het College van Bestuur op klachten staat geen beroep open.
In 2022 kwamen bij de Klachtadviescommissie NHL Stenden Hogeschool 69 zaken binnen. Het betrof 55 klachten en 14 bezwaren. Er werden in totaal 44 klachten en acht bezwaren afgewikkeld door middel van een succesvolle bemiddeling. Er werden vijf klachten en zes bezwaren ingetrokken. De commissie bracht twee keer advies uit aan het College van Bestuur (waarbij het één zaak uit 2021 betrof). Er waren nog vijf lopende zaken, deze worden in 2023 afgehandeld.

Versie:
v6.1.1

Met iWink Report maak je professionele online publicaties. Publicaties die je online, in print en als PDF-download kunt aanbieden.

En daarmee voldoe je direct aan de WCAG-wetgeving rond digitale toegankelijkheid.

Eenvoudig, veilig en efficiënt.

Meer over iWink Report